Direct naar inhoud

Zou jij voor altijd willen leven?

Gepubliceerd op:

De vergankelijkheid geeft ons leven zin. Dat leerde hoogleraar Filosofie Ronald van Raak na het lezen van Oneindigheid.

Afbeelding door: Geisje van der Linden

Zou jij voor altijd willen leven? Deze vraag stel ik wel eens als ik ergens in het land een lezing geef. Dit lijkt voor veel mensen een aantrekkelijke gedachte, zo blijkt uit het aantal vingers dat dan omhoog gaat. Toen ik de vraag stelde tijdens een college filosofie bleven alle handen naar beneden. Een studente trok een vies gezicht en zei: “‘Maar dan wordt alles toch zinloos?’”

Tel je even mee? 1, 2, 3, 4, 5… etc. We kunnen blijven doorgaan met tellen, steeds verder – tot in eeuwigheid, of het oneindige. Waarschijnlijk zijn wij de enige diersoort die zo kan doortellen. Dit geeft mensen het besef van het bestaan van oneindigheid. We worden geboren en we zullen sterven; mensen zijn eindige wezens. Maar we weten ook dat de oerknal geen begin was en dit waarschijnlijk niet het enige heelal is. Dat blijkt ook uit het boek Oneindigheid van de Leidse filosoof Victor Gijsbers.

Mensen hebben een besef van oneindigheid, maar we weten niet goed wat we hiermee bedoelen. Oneindig is niet heel lang, of heel ver. Duizend jaar, of miljoen jaar, of miljard jaar, is nog steeds niets, als je het bekijkt met het oog van de oneindigheid; want oneindig plus een miljard is nog steeds oneindig. Miljard lichtjaren is ook helemaal niets – en duizend miljard evenmin. Vanuit het perspectief van het oneindige zal elke mogelijke wereld telkens opnieuw moeten bestaan, ook die waarin we nu leven. Ook de situatie waarin een mens zoals ik, op een aarde zoals deze, weer deze column schrijft – en dat oneindig vaak.

'Het is de vergankelijkheid die ons leven zin geeft'

Ik weet niet of lezers ondertussen zijn afgehaakt, omdat ze het onzin vinden om zich bezig te houden met een onderwerp dat zo onduidelijk en zo onzeker is. Voor de filosoof Cusanus was dit juist een reden waarom al zijn lezers over de ‘oneindigheid’ moesten nadenken. Hij was een denker uit de vijftiende eeuw, die ook een rol heeft in het boek van Victor Gijsbers. Deze Cusanus deed allerlei denkspelletjes met zijn lezers, om hen te laten nadenken vanuit het perspectief van oneindigheid; zo liet hij zien hoe daarin de cirkel, lijn, driehoek en vierkant zouden samenvallen in een oneindige punt. Een vreemd idee en voor ons een onbegrijpelijke gedachte – maar voor hem niet minder waar. Door te kijken met het oog van het oneindige kan de mens volgens Cusanus een beter besef krijgen van zijn eigen onwetendheid. Een ‘wetende onwetendheid’, of een accepteren dat wij eindige wezens zijn met beperkte kennis en inzicht.

Oneindigheid is ‘een filosofische gids’. In dit toegankelijke boek neemt Victor Gijsbers de lezer mee in een denkavontuur, door de wijsbegeerte en de wiskunde van het oneindige; van grote denkers zoals Aristoteles en Kant, tot erg verhelderende gedachten over zaken als absolute en potentiële oneindigheid. Een ideaal boek voor de vakantieperiode, die toch ook een tijd is van intellectuele bezinning. Nadenken over het zinloze van het oneindige leert ons berusten in onze eindigheid en laat zien hoe het feit dat alles ooit zal eindigen het leven juist zin geeft. En dat we in dit eindige leven zoveel mogelijkheden hebben – ik zou bijna zeggen ‘oneindig’ veel. We moeten niet bang zijn voor de dood, maar blij zijn met ons eindige leven, dat is in ieder geval een les die ik trok uit dit boek. Een mooie gedachte, ook op momenten dat alles tegen lijkt te zitten en weinig lijkt te lukken. Het is de vergankelijkheid die ons leven zin geeft.

Lees meer

De redactie

Reacties

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen ga je akkoord met onze regels voor het plaatsen van een reactie. Lees ze alsjeblieft voordat je een reactie plaatst.

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met (verplicht)

Meer Column