Direct naar inhoud

Advertentie

Advertentie Studentendrukwerk

Een medestudent als doktersassistent: ‘Met een soa durf ik niet naar de huisarts’

Gepubliceerd op:

Voor veel mensen is het bellen van de huisarts al spannend. Voor sommige Rotterdamse studenten wordt die drempel nóg hoger, want de assistent aan de telefoon kan zomaar een medestudent, huisgenoot of vriend zijn. Dat zorgt niet alleen voor ongemak, maar ook voor wantrouwen: wat als die bekende je dossier inkijkt of in de pauze over je praat?

Afbeelding door: Eva Gombár-Krishnan

Toen Evi (niet haar echte naam*) drie jaar geleden in Rotterdam ging wonen om Geneeskunde te studeren, schreef ze zich in bij een Rotterdamse huisartsenpraktijk. “Het leek me handig om een huisarts in mijn studentenstad te hebben. Ik had gehoord van een praktijk waar geen wachtlijst is en die vooral gericht is op studenten”, vertelt Evi. “Dat er ook geneeskundestudenten werkten, wist ik toen nog niet.”

‘Hoe gaat het met je hand?’

Pas maanden later kwam ze daarachter. Na een avond stappen viel ze samen met een vriendin van haar fiets en bezeerde haar hand. “In eerste instantie maakte ik me er niet zo druk om, maar toen hij na een paar dagen nog steeds blauw en pijnlijk was, besloot ik toch de huisarts te bellen. Gelukkig viel het mee: er was niets gebroken.”

Achteraf kwam ze erachter dat de medewerker die ze toen aan de lijn had, iemand was die haar kende. “Ik zat met vrienden in het onderwijscentrum toen een jongen op de gang riep: ‘Hoe gaat het nu met je hand?’ Het bleek de medewerker van mijn huisartsenpraktijk. Hij zei het zo hard dat iedereen het kon horen. Ik schrok enorm. Zulke persoonlijke informatie hoort vertrouwelijk te blijven.”

Doktersbezoek uitstellen

Tot die dag had Evi er nooit bij stilgestaan dat er bekenden bij haar huisarts werkten, maar nu spookt die ervaring vaak door haar hoofd. “Ik ben sindsdien minder vaak naar mijn huisarts gegaan”, vertelt ze. Tegenwoordig verloopt het eerste contact via een app met een chatfunctie, maar pas na het versturen van je klacht zie je door wie je wordt geholpen, waardoor je niet meer kan vragen om een andere medewerker. “Dat maakt mij echt terughoudender om naar de huisarts te gaan. Negen van de tien keer krijg ik dezelfde jongen als toen met mijn hand, en dat voelt niet prettig.”

Evi zou graag van huisarts wisselen, maar dat blijkt ingewikkeld. “Patiënten zonder huisarts krijgen voorrang. Als ik wil overstappen, beland ik op een eindeloze wachtlijst.”

Veel geneeskundestudenten in Rotterdam komen bij dezelfde huisartsenpraktijk terecht, waar ze zowel patiënt als medewerker kunnen zijn. Dat komt doordat maar weinig huisartsen direct nieuwe patiënten aannemen of zich specifiek op studenten richten. Dit kan tot lastige situaties leiden: studenten komen elkaar tegen op kwetsbare momenten en maken zich zorgen over hun privacy.

Sommigen, waaronder Evi, stellen hun doktersbezoek daarom uit, wat gezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Wie bijvoorbeeld langer blijft rondlopen met soa- of schurftklachten, loopt het risico de aandoening verder te verspreiden of de klachten te verergeren. Ook bij andere gevoelige onderwerpen, zoals psychische problemen, kan het uitstellen van een doktersbezoek ertoe leiden dat klachten ernstiger worden.

Populaire bijbaan

Een baan als doktersassistent is onder Rotterdamse geneeskundestudenten populair. De vacaturepagina van de MFVR, de faculteitsvereniging voor geneeskundestudenten staat vol met vacatures. Op dit moment zijn er twaalf vacatures voor huisarts-assistent. Ook in groepsapps wordt er volop geworven: in augustus alleen al circuleerden er vier vacatures. Huisartsen overal in de stad zijn op zoek naar aassistenten, van het Oude Westen tot aan Zuidplein. Door het nijpende tekort aan personeel maken veel praktijken op een slimme manier gebruik van het feit dat de Erasmus Universiteit een geneeskundefaculteit heeft.

Studenten mogen vanaf hun tweede jaar solliciteren, maar vooral tijdens de wachttijd voor de coschappen is het een gewilde bijbaan. Voor velen is het bovendien erg leerzaam. “Ik heb het tussen mijn bachelor en mijn master gedaan”, vertelt masterstudent Daphne. “Je ziet van alles voorbijkomen, je leert veel en je medische kennis blijft actueel. Ik heb er nu tijdens mijn coschappen veel profijt van.”

‘Met een soa of seksueel probleem zou ik nooit naar mijn huisarts durven’

Hogere drempel

Toch kleeft er een keerzijde aan deze constructie. Binnen het Erasmus MC doen verhalen de ronde over ongemakkelijke situaties. Dat zorgt voor een hogere drempel om naar de huisarts te gaan, merkt ook geneeskundestudent Danicz. “Ik herken vaak de namen van de mensen die me helpen. Daardoor wordt het veel lastiger om met gênante problemen te komen”, vertelt ze. “Met een soa of seksueel probleem zou ik nooit naar mijn huisarts durven. En ik denk dat ik niet de enige ben. Mensen blijven daardoor misschien langer met klachten rondlopen, en dat kan gevaarlijk zijn. Ik merk zelf ook dat ik om die reden minder snel contact opneem met de huisarts. Het risico dat je een bekende aan de lijn krijgt, houdt me dan tegen.”

De angst dat bekenden toegang hebben tot medische gegevens vergroot de drempel om hulp te zoeken, blijkt uit een rondgang van EM onder veertien geneeskundestudenten. Volgens Evi is dat in de studentenwereld extra problematisch: “In de geneeskundebubbel kent bijna iedereen elkaar. Er wordt binnen mijn vriendengroep regelmatig over dit probleem gepraat, en daardoor krijg ik soms het gevoel dat mijn medische gegevens niet helemaal veilig zijn. Ik ben dan bijvoorbeeld bang dat er tijdens de pauzes geroddeld wordt over de medische gegevens van studenten, of dat medische dossiers zonder reden worden ingezien.”

Roddelen

Hannah (niet haar echte naam*), een geneeskundestudent die werkt in de praktijk waar Evi patiënt is, begrijpt die zorgen goed. “Het komt regelmatig voor dat collega’s hun eigen patiënten kennen. Dat wordt onderling soms ook besproken. Dan zeg je bijvoorbeeld: ‘Ik had deze persoon vandaag aan de lijn’, en daarbij wordt soms ook genoemd waarvoor iemand langskomt.”

Juliette (niet haar echte naam*) werkte drie jaar lang bij dezelfde huisartsenpraktijk en kan zich eveneens goed inleven in de zorgen van patiënten. “Ik zou zelf nooit patiënt willen zijn bij deze praktijk, maar ik denk wel dat de geneeskundestudenten goed beseffen dat het verspreiden van medische informatie verboden is, en dat ze zich daar ook aan houden.”

Toch erkent ze dat er altijd een risico blijft. “Toen ik er net werkte, hoorde ik dat er iemand was ontslagen omdat hij binnen zijn studentenvereniging had verteld dat een lid een soa had. Toen dat uitkwam, is hij direct ontslagen.” Volgens Juliette heeft zich in de drie jaar daarna geen vergelijkbaar incident meer voorgedaan.

Een bekende behandelen

Hannah en Juliette hebben zelf ook meegemaakt dat ze een student moesten helpen die ze persoonlijk kenden. “Gelukkig ging het maar om iets onschuldigs, maar ik ken collega’s die vragen hebben gekregen over soa’s of anticonceptie van medestudenten die ze persoonlijk kenden”, vertelt Hannah. “In zo’n geval is er wel de mogelijkheid om de patiënt over te dragen aan een andere medewerker, maar daar bestaat geen duidelijke richtlijn voor. Er wordt alleen gezegd: ‘Blijf professioneel.’”

Naast dat het voor patiënten vervelend kan zijn, benadrukt Hannah dat het ook voor medewerkers onprettig kan zijn om een bekende als patiënt te hebben. “Er zijn dingen die ik liever niet zou willen weten of zien van mijn medestudenten. Artsen vragen patiënten soms om foto’s te sturen van geslachtsdelen, ontlasting of afscheiding. Die beelden moeten dan via een chatfunctie worden geüpload. Zowel de medewerker als patiënt weet van tevoren niet aan wie ze gekoppeld worden. Dat kan dus tot hele ongemakkelijke situaties leiden.” Ook Juliette bevestigt dit te hebben meegemaakt. “Het is daarna ongemakkelijk om die persoon weer te zien.”

Beroepsgeheim

Om misbruik te voorkomen zijn alle medewerkers in een huisartsenpraktijk gebonden aan geheimhouding en het beroepsgeheim. Daarnaast voeren huisartsen regelmatig steekproefsgewijze controles uit om oneigenlijke inzage in medische dossiers te detecteren, op aanraden van de Autoriteit Persoonsgegevens. Wie dit niet doet, riskeert een boete.

Het bespreken van patiëntcasussen met medestudenten is alleen toegestaan als dit de behandeling ten goede komt, benadrukt Eline Bunnik, universitair hoofddocent medische ethiek aan de afdeling Maatschappelijke Gezondheid van het Erasmus MC. “Hetzelfde geldt voor het inzien van dossiers. Dat mag alleen wanneer je direct betrokken bent bij de behandeling, nooit uit nieuwsgierigheid.”

Privacy beschermen

Volgens haar zouden deze regels vanzelfsprekend moeten zijn voor geneeskundestudenten. “Tijdens de opleiding wordt uitgebreid aandacht besteed aan ethische normen zoals vertrouwelijkheid en het beroepsgeheim. De verantwoordelijkheid ligt daarom in eerste instantie bij de student zelf”, vertelt Bunnik. Toch zouden volgens haar praktijken meer kunnen doen om de privacy van hun patiënten te beschermen. “Het is verstandig om nieuwe medewerkers te wijzen op de regels en regelmatig met het hele team te bespreken hoe zorgvuldig met privacy moet worden omgegaan.”

Dat betekent niet dat je nooit iets mag delen, nuanceert Bunnik. “Bijzondere of ingrijpende casussen roepen soms de behoefte op om er met collega’s over te praten. Dat is begrijpelijk, en ook belangrijk om te kunnen leren van dergelijke casussen, maar wees terughoudend en deel nooit meer informatie dan strikt noodzakelijk. Vraag jezelf altijd af: draagt dit bij aan de kwaliteit van zorg? Een naam noemen is bijvoorbeeld niet nodig.”

Behandel geen bekenden

Bunnik verwijst naar de gedragscode van de KNMG, die artsen handvatten biedt in situaties waarin een persoonlijke relatie met een patiënt de kwaliteit van zorg kan beïnvloeden. Volgens haar kunnen die richtlijnen ook van toepassing zijn op geneeskundestudenten. In de gedragscode staat dat artsen in principe geen vrienden of familieleden mogen behandelen.

“Een gedragscode functioneert als beroepsnorm: een gezamenlijke afspraak van artsen over wat goed handelen inhoudt”, legt Bunnik uit. “Ook tuchtcolleges gebruiken zulke normen om te beoordelen wat onder ‘goed hulpverlenerschap’ valt. Er zijn altijd uitzonderingen, bijvoorbeeld in noodsituaties, maar de stelregel is duidelijk: behandel geen mensen die je persoonlijk goed kent.”

Toch erkent Bunnik dat het vaak niet zwart-wit is. “Studenten moeten zelf inschatten of hun relatie met een patiënt de kwaliteit van de zorg kan beïnvloeden.”

Jans Huisartsen

Een van de populairste huisartsenpraktijken onder Rotterdamse studenten is Jans Huisartsen. De praktijk richt zich specifiek op studenten en heeft inmiddels drie locaties in de stad. Tientallen geneeskundestudenten werken er naast hun studie, waardoor het regelmatig gebeurt dat patiënt en medewerker elkaar al kennen.

Volgens oprichter en praktijkmanager Luc Jansen hoeven studenten zich geen zorgen te maken over hun privacy in zijn praltijk. “Voor ons staat vertrouwelijkheid altijd voorop”, laat hij per mail weten. “Alle medewerkers tekenen een geheimhoudingsverklaring en houden zich aan hun beroepsgeheim. We voeren bovendien steekproefsgewijze controles uit om oneigenlijke toegang tot patiëntgegevens te voorkomen.”

*De namen van Evi, Hannah en Juliette zijn om privacy-redenen gefingeerd. Die van Evi omdat ze medische informatie deelt, die van Hannah en Juliette omdat ze bang zijn voor eventuele gevolgen op hun werk. Hun echte namen zijn bekend bij de redactie.

De redactie

Reacties

1 reactie

  1. Anoniem op 21 november 2025 om 17:02

    “Met een soa of seksueel probleem zou ik nooit naar mijn huisarts durven.”Snap ik, maar als geneeskundestudent zou je toch moeten weten dat je voor soa’s altijd anoniem bij de GGD terecht kunt? Of speelt daar hetzelfde probleem als bij deze huisartsenpraktijk?

    Daarnaast verbaas ik mij over het feit dat deze huisartsenpraktijk in chats met patiënten vraagt om foto’s. Sinds wanneer is iedereen zo telefoonschuw geworden dat chatten en foto’s versturen noodzakelijk is geworden? Door simpelweg patiënten telefonisch te woord te staan kunnen ze sneller vragen om een andere assistent en kunnen de patiënten hun klacht omschrijven i.p.v. dat ze eerst een hele photoshoot moeten gaan houden. Dat lijkt mij een stuk efficiënter dan chatten.

    Ik ben niet eens geneeskundestudent maar op basis van dit artikel zou zelfs ik hier geen patient willen zijn. Ik hoop dat ze snel hun werkwijze aanpassen om deze veiliger te maken.

Reacties zijn gesloten.

Advertentie

Advertentie Studentendrukwerk