Direct naar inhoud

Advertentie

Advertentie Studentendrukwerk

Filosofen zijn vervelend

Gepubliceerd op:

In tijden van onzekerheid groeit de behoefte aan filosofie, zag Ronald van Raak terwijl hij een boek schreef over tien eeuwen dwarsdenken.  

Afbeelding door: Geisje van der Linden

Het heeft geen zin om mensen te vragen om zich te gedragen, als ze niet eerst goede voeding en de juiste opvoeding krijgen. Dat vond de Brabantse filosoof Jacob Moleschott in de negentiende eeuw. Vanwege de radicaliteit van deze ideeën moest hij ons land ontvluchten, maar elders zou hij beroemd worden. Aan de universiteit in Rome staat nog altijd een borstbeeld van hem. 

Moleschott dacht na over de materiële voorwaarden van het denken; welke voedingstoffen mensen nodig hebben, of hoe we moeten wonen en werken. Als die voorwaarden gelijk zijn dan kunnen mensen zich ook gelijkwaardig ontwikkelen, vond hij. Een extreem idee in die tijd, toen de verschillen tussen volk en elite, of tussen mannen en vrouwen, nog groot waren.  

Dezelfde ideeën waarvoor Moleschott in de negentiende eeuw Nederland moest ontvluchten, werden in de twintigste eeuw in ons land omarmd en vormden ook een basis voor de sociale verzorgingsstaat. Zo ging het in het verleden maar al te vaak: filosofen die werden verketterd vanwege de radicaliteit van hun ideeën, die vervolgens later door bijna iedereen zouden worden overgenomen. Wat ooit vreemd was werd naderhand gewoon – en natuurlijk ook andersom. Dat patroon zag ik voortdurend toen ik het afgelopen jaar schreef aan Geen land van grote woorden, over tien eeuwen filosofie in ons land. Het boek is een inleiding voor de colleges en de cursussen die ik geef bij Erasmus School of Philosophy (u bent van harte welkom). 

'Eeuwenlang werden deze filosofen in ons land gehaat en gevreesd, maar nu lijken ze hier populairder dan ooit'

We leven in tijden van polarisatie, maar dat is niets vergeleken met de tijd van Erasmus, een periode van religieuze oorlogen. Erasmus wilde mensen leren om vreedzaam samen te leven, maar zijn Lof der Zotheid (1511) werd verboden. In onze tijd worden vrijheden bedreigd, maar die strijd was nog feller in de tijd van Spinoza, die zelf uit Amsterdam werd verbannen. Hij pleitte voor tolerantie, maar zijn Ethica (1677) werd direct in de ban gedaan. Eeuwenlang werden deze filosofen in ons land gehaat en gevreesd, maar nu lijken ze hier populairder dan ooit. Siger van Brabant streed voor de vrijheid van filosoferen, maar werd in 1281 op bezoek bij de paus gedood. Leo Polak leerde zijn tijdgenoten verdraagzaamheid, maar werd in 1941 in een naziconcentratiekamp vermoord. Door alle eeuwen heen hebben Nederlandse filosofen autoriteiten uitgedaagd en ideologieën bestreden – ondanks de persoonlijke gevaren. 

Het is interessant om te zien wat hier wel en niet kon worden gezegd en gedacht. De ontwikkeling van de filosofie is daarmee ook een spiegel: de hoop en het vertrouwen die spreken uit de ideeën die we graag hoorden en de angst en de onzekerheid die bleek uit de gedachten die we liever wegstopten. Filosofen zijn vervelend. Altijd stelden ze de vragen waar je net geen zin in had; steeds roerden ze onderwerpen aan die je liever onbenoemd zou laten. Voortdurend zijn er mensen geweest die met hun gedachten de grenzen opzochten – en daar overheen gingen. In tijden van onzekerheid groeide de behoefte aan filosofie. Het onderzoek naar tien eeuwen dwarsdenken geeft mij ook vertrouwen voor de toekomst: de zekerheid dat onder studenten van nu opnieuw denkers zullen opstaan die ons uitdagen en verder helpen.

Geen land van grote woorden verschijnt deze maand bij Boom.

Lees meer

De redactie

Reacties

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen ga je akkoord met onze regels voor het plaatsen van een reactie. Lees ze alsjeblieft voordat je een reactie plaatst.

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met (verplicht)

Lees verder in Column