Ellen van Schoten laat stadsgezichten, vakwerkhuizen en kathedralen tot leven komen
Al bijna haar hele leven tekent Ellen van Schoten, vicevoorzitter van het College van Bestuur. Deze maand verscheen De jongen die zijn stem verloor, een boek waarin ze de lezer in meer dan 130 tekeningen meeneemt op een queeste door Delft, Wales en Engeland.

Afbeelding door: Pien Düthmann
In de zomer van 2024 zit Ellen van Schoten met haar schetsboek aan de kust in Tynemouth, in Noord-Oost-Engeland, waar de Tyne uitmondt in de Noordzee en de boot vanuit IJmuiden langs de ruïne van een Benedictijnse priorij Newcastle binnenvaart. Op een bankje zitten twee jongens. Ze eten een ijsje en spreken haar aan, geïnteresseerd in de tekening die ze van de kustlijn maakt.
Met 6.422 medewerkers en 31.473 studenten is het onmogelijk om iedereen op de universiteit te kennen. Wat gaat er schuil achter mensen als zij van het universiteitsterrein afstappen? EM legt de verbinding in deze eindejaarsserie met zes bijzondere verhalen over wat studenten en medewerkers in hun vrije tijd doen.
Tekenen doet Van Schoten, vicevoorzitter van het College van Bestuur, dan al jaren. Van haar dertiende tot haar achttiende kreeg ze les bij tekengenootschap Debutade in Hoorn, dat sinds 1866 bestaat. “Daardoor heb ik een goede, technische basis.” Het was altijd een hobby, tot dit gesprek met de twee jonge toeristen aan de Engelse kust. “Ze keken mee met de tekening en stelden me allerlei vragen. Heb je een website? Heb je Instagram? Waar is je werk te bestellen?”
Het is die ontmoeting die haar aan het denken zet, waardoor ze besluit haar tekenwerk serieuzer aan te pakken en te delen met de buitenwereld. Nu, anderhalf jaar later, ligt haar boek De jongen die zijn stem verloor in de boekhandel, met meer dan 130 van haar tekeningen, in potlood en pen, en een zelfgeschreven verhaal.
Stadsgezichten en kathedralen
In het boek gaat de 11-jarige hoofdpersoon Willem op zoek naar zijn stem. Willem zingt graag, veel en prachtig, en op een dag kan hij plotseling niet meer zingen. De zoektocht voert hem vanuit Delft, waar Van Schoten woont sinds ze in Rotterdam werkt, naar Engeland en Wales, langs de stadsgezichten, vakwerkhuizen en kathedralen die Van Schoten er in de buitenlucht tekende: langs de scheve toren van de Oude Jan en de rug van het standbeeld van Hugo de Groot in Delft, via het monumentale Newcastle Castle en York Minster naar de vissersbootjes aan de Welshe kust in Tenby.
De tekeningen waren er eerst, het verhaal kwam later. Ze tekende ze op haar reizen naar Engeland, het land waar Van Schoten op haar negentiende verliefd op werd. Het tekenen doet ze altijd buiten: op een terras, een bankje en soms zelfs zittend op de grond. Met een tekening is ze anderhalf tot twee uur bezig en soms maakt ze er drie of vier op een dag. “Zelfs in de winter, als het maar droog is.” Deze kerstvakantie gaat ze naar Bath.
De stadsgezichten van Van Schoten zijn leeg, er zijn geen mensen. Heel af en toe bevat een tekening een detail dat wijst op aanwezigheid van het dagelijks leven: een gevelreclame, een elektriciteitskabel, een uitstekende antenne of een scheve Dixi. “Ik wil dat niets afleidt van wat ik teken. Mijn werk is realistisch en sober, ik hou van klare lijnen. De kracht van de lijn, zeker in de architectuur, is het sterkst als je die soberheid betracht.” De pentekeningen van Anton Pieck zijn een grote inspiratiebron.

Afbeelding door: Pien Düthmann
Architectuur is als muziek
Toch zijn de stadsgezichten in de tekeningen niet statisch, er is geen liniaal aan te pas gekomen. “Ik teken met de hand, en organische lijnen maken dat de gebouwen meer gaan leven.” In het verhaal lijken de gebouwen te zingen, ze lijken Willem iets te willen vertellen. Zelf ervaart ze dat niet zo intens als haar hoofdpersoon. “Ik hoor geen muziek, hoor, als ik door een stad loop”, lacht Van Schoten. “Ik ervaar wel veel schoonheid als ik bijvoorbeeld door het centrum van Delft loop.”
‘Ik ervaar wel veel schoonheid als ik bijvoorbeeld door het centrum van Delft loop’
Ze ziet parallellen tussen architectuur en muziek: “Ze hebben allebei iets mathematisch; de opbouw van een muzikaal stuk en het ontwerp van een gebouw. Maar goede muziek stijgt daarbovenuit, net als goede architectuur.” Ze verwijst naar een citaat van Goethe, die zei dat muziek vloeibare architectuur is, en architectuur bevroren muziek. “Voor mij hebben die twee met elkaar te maken. Ik kan net zo genieten van de opbouw van muziek als van mooie architectuur.”
Zangstem
Net als in het verhaal speelt muziek een rode draad in Van Schotens leven. Als kind zong ze in kerkkoor De Lichtzangertjes en leerde ze viool spelen. Haar moeder had vanuit de kerk het belang van muziek meegekregen, was amateurvioliste en moedigde haar aan om muzieklessen te nemen. “Daar ben ik haar dankbaar voor.” Haar vader, die overleed toen ze 10 was, was gek op opera. “Ik vond het fantastisch om mee te luisteren als hij die lp’s aanzette.” Viool speelt ze nog steeds en inmiddels heeft ze ook piano leren spelen.
Zingen doet Van Schoten ook nog steeds. Zo kwam ze in de zomer van 2024 in Noord-Engelse kathedralen terecht. “Iedere kathedraal in Engeland heeft zijn eigen koor, maar in de zomer hebben die vrij. Ik heb meegezongen met de koren die in de zomer voor vervanging zorgen. Dan zongen we het repertoire van een Evensong, een avondkerkdienst waarin vooral gezongen wordt.”
Het idee voor het verhaal in het boek ontstond toen Van Schoten bij haar buurvrouw op de koffie was. “Mijn buurvrouw houdt van Duitse literatuur en vertelde me over een boek, Die Zauberinnen van Jean Starobinski, waarin zangers als tovenaars worden aangeduid, omdat ze met hun stem allerlei emoties kunnen oproepen en je in een andere wereld kunnen brengen. Dat zette me aan het denken: wat is dat eigenlijk, een zangstem? En volgens mij is het meer dan alleen een instrument dat geluid voortbrengt.”

Afbeelding door: Pien Düthmann
Anker
Hoewel het verhaal bedoeld is voor alle leeftijden, raakt het hier en daar aan zwaardere thema’s. Willems zoektocht naar zijn stem lijkt af en toe een existentiële zoektocht. In de dingen om hem heen – roeiende studenten, mensen die langs het kanaal wandelen – ziet Willem dat het leven ook zonder stem doorgaat. Voor Willem is zijn stem een anker voor zijn identiteit. “Het boek gaat ook over verlies. Ik heb geprobeerd om me voor te stellen hoe dat is, om zoiets belangrijks kwijt te raken. Muziek is voor mij belangrijk. Stel dat het er niet meer zou zijn?”
Zou Van Schoten zelf op een vergelijkbare zoektocht gaan? “Dat hoop ik wel, omdat ik zou weten wat ik mis.” Tekenen en muziek zijn voor Van Schoten een anker. “Niet voor mijn identiteit, maar wel iets wat me altijd terugbrengt bij mezelf.” De afwisseling met haar drukke baan vindt ze fijn. “Wat ik prettig vind, is dat ik in mijn werk met mijn hoofd bezig ben en dit met mijn handen doe, met een ander deel van mijn hersenen. En het fijne aan zingen is dat het heel fysiek is, dat vind ik lekker om te doen.”
Tot leven komen
‘Ik hou niet van saaie verhalen of eindes die voelen als een open deur’
Hoofdpersoon Willem is vernoemd naar Van Schotens grootvader. “Ik heb hem nooit gekend, voor zover ik weet kon hij niet zingen.” Wel heeft ze geprobeerd om Willem op haar grootvader te laten lijken. “Ik had alleen foto’s van toen hij een jaar of twintig was. Maar ik heb geprobeerd zijn gezicht te laten zien, en hij had als twintiger echt zo’n grote bos haar.”
Ook de andere mannelijke personages in het boek zijn vernoemd naar familieleden. Zo komt er een emeritus-hoogleraar voor in het verhaal die Freek heet, net als Van Schotens vader. “Ik heb de tekening op zijn foto gebaseerd.” Priester Andries, die Willem te hulp schiet tijdens zijn zoektocht, is vernoemd naar Van Schotens oom. “Ik vond het mooi om ze terug te laten komen. Ze komen als het ware weer tot leven in een heel ander leven dan ze hadden.”
In het boek neemt Van Schoten de lezer mee in Willems zoektocht. Zonder te verklappen of en hoe Willem zijn stem terugvindt: “Ik wilde geen voor de hand liggend einde. Ik hou niet van saaie verhalen of eindes die voelen als een open deur.”
Misschien komt er dus wel een tweede deel, geeft Van Schoten voorzichtig toe. “Dat zou ik in ieder geval heel leuk vinden. Maar dan moet het zich afspelen in Florence, want daar heb ik hele mooie tekeningen gemaakt.”
Ellen van Schoten (59) is sinds januari 2021 vicevoorzitter van het College van Bestuur en verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering van de universiteit. Ze promoveerde op de controle en audit van financiële derivaten bij niet-financiële instellingen. Hiervoor werkte ze onder andere bij PwC, de Algemene Rekenkamer en de Autoriteit Financiële markten. Ze woont in Delft.
Tekenen doet ze al van kinds af aan. Sinds de zomer van 2024 pakt ze haar tekenwerk professioneler aan.
De jongen die zijn stem verloor (graphic novel,176 p. | ISBN: 978-94-91835-62-9 | Prijs: 24,50 euro | uitgever: Studio Kers) ligt sinds 1 december in de boekhandel en is ook verkrijgbaar op haar eigen website.
Lees meer
-
Hoe Krish Raghav zijn frustraties over de woningmarkt in een vervreemdende game goot
Gepubliceerd op:-
Medewerkers
-
De redactie
-
Tim FicherouxEindredacteur
Meest gelezen
-
Regeringspartijen zetten nu al druk: basisbeurs snel omhoog, ‘kritischer omgang’ internationals
Gepubliceerd op:-
Politiek
-
-
EM TV newsflash: Inbraak in F-gebouw, EUR ontvangt twee Vici-beurzen, en student wint muziekprijs van 10.000 euro
Gepubliceerd op:Type artikel: Video-
EM TV
-
-
Stilteruimte midden in de ramadan dicht door inbraak in F-gebouw
Gepubliceerd op:-
Campus
-
Reacties
Reacties zijn gesloten.
Lees verder in Medewerkers
-
Meer loon voor stagiairs, coassistenten en personeel van UMC’s
Gepubliceerd op:-
Medewerkers
-
-
Pensioenfonds ABP dumpt Amerikaanse staatsleningen
Gepubliceerd op:-
Medewerkers
-
-
Tussen de slechtvalken, buizerds en noordse stormvogels vond Jos van der Geest een ankerpunt
Gepubliceerd op:-
Medewerkers
-