Hoe vertel je op een verjaardag wat je hebt onderzocht en wat daaruit kwam?

“Meestal vertel ik dat ik onderzoek doe met patiënten die kanker hebben. Als mensen dan nog benieuwd zijn, leg ik uit dat ik zoek naar factoren die de behandeling en uitkomsten kunnen verbeteren. Het heeft vaak impact op mijn familie en vrienden. Ze weten wel dat hun nichtje arts is, maar dat ze werkt met kankerpatiënten is vaak nieuw voor ze. Ik praat ook liever niet over kankerbehandelingen op verjaardagen. Ingewikkelde details over spierweefsel laat ik sowieso achterwege, maar het blijft werk en daar heb ik het liever niet over in mijn vrije tijd.”

Wat wordt de wereld beter van je proefschrift?

“Een hamvraag van mijn onderzoek was: kan een patiënt de behandeling geestelijk en lichamelijk aan? Met deze inzichten kunnen we patiënten helpen de behandelingen beter te verdragen. De behandeling heeft vaak ingrijpende gevolgen op de conditie. Mensen zijn bijvoorbeeld vaak moe. Wij, als artsen, kunnen de onderzoeksresultaten ook gebruiken om meer begrip op te brengen voor onze patiënten. Mensen zeiden dat ze meer als mens gezien willen worden en niet alleen als patiënt.”

Wat was jouw dieptepunt in de afgelopen jaren?

“Tijdens mijn onderzoek overleed een dierbare vriendin aan de gevolgen van het type borstkanker uit mijn tweede hoofdstuk. Dat was ik in die tijd aan het schrijven. De vriendin was wat ouder en als een soort moeder voor mij, we waren heel erg close. Ik was verlamd vlak voor, maar ook nadat ze stierf. Ik heb toen ook een tijdje niet gewerkt, maar je valt pas later in een soort van zwart gat.”

“Een jaar na haar overlijden kon ik mezelf een periode niet concentreren, het onderzoek wilde niet vlotten. Maar ik moest verder en gelukkig had ik een enorme stok achter de deur: er was voor dit onderzoek maar voor een bepaalde tijd geld beschikbaar. Uiteindelijk heb ik het onderzoek binnen vier jaar afgerond.”

Wat was het eerste wat je deed toen het proefschrift af was?

“Tja, wanneer is het af? Het is zo’n langdurig proces. Eerst had ik al eens een moment waarop ik dacht: deze strijd is gestreden. Het komt af. Het is nu nog een kwestie van tijd. Het moment dat mijn laatste artikel was geaccepteerd kan ik mij nog heel goed herinneren. Ik werkte al op de kliniek en moest vroeg aanwezig zijn om beenmergpuncties af te nemen. Eenmaal in het ziekenhuis opende ik eerst mijn mail en toen zag ik dat het geaccepteerd was. Ik begon spontaan te huilen. Het werk was af en een maand later lag het boek bij de drukker. Toen heb ik een etentje met vriendinnen gepland, want dat was een traditie geworden om het moreel hoog te houden. Nadat iemand een artikel had gepubliceerd, gingen we uit eten.”

De cover

“De cover is ontworpen door Chester Gibs, een kennis. Ik heb hem verteld over het onderzoek, over hoe patiënten de behandeling ervaren. Je ziet op de omslag een vrouw. Ze heeft twee borsten, maar één is rood gekleurd. Je kunt daar een hart in zien, maar ook een zieke borst. Ze heeft een half gezicht, want veel mensen voelen zich na een amputatie minder vrouw, of zelfs minder mens.”

“Ik ben erg blij met de cover. Het onderzoek is zo wetenschappelijk, bestaat uit zoveel data. Ik wilde iets subjectiefs op de omslag, want het onderzoek gaat over meer dan alleen wetenschap.”

Nog geen reactie — begin de discussie!