Op zoek naar Erasmus: De Republiek der Verketterden

550 jaar na de geboorte van Desiderius Erasmus reist EM-verslaggever en IBCoM-student Job Zomerplaag in zijn voetsporen door Europa.

Jobs omzwervingen zijn de komende weken te lezen in de verhalenserie ‘Op zoek naar Erasmus’, een zoektocht in het Europa van nu met Erasmus als een reisgids. In zijn derde verhaal ‘De Republiek der Verketterden’ neemt hij je mee naar een gekraakt Olympisch dorp in Turijn en de joodse getto van Venetië.

Het water kabbelt tegen de kade, een gondel met toeristen vaart voorbij. Ik zit langs de waterkant bij een brug die de Ghetto, de joodse wijk van Venetië, met de andere eilandjes van de stad verbindt. Het is twee weken geleden dat ik uit Rotterdam vertrok, en het afscheid nemen van de mensen die ik onderweg ontmoet valt zwaar. Na een reis langs allerlei ‘republiekjes’ bekruipt mij de vraag: hoe kon Erasmus een leven lang reizen zonder zich ooit aan een plek binden?

De Venetiaanse Republiek was in de tijd van Erasmus een belangrijk handels- en kenniscentrum. Beeld: Job Zomerplaag

De Republiek der Letteren

Uitnodigingen om zich ergens te vestigen slaat Erasmus telkens af: hij vreest dat het ten koste gaat van zijn vrijheid. Zijn beroemdste afwijzing, als hij in 1522 het aanbod krijgt om burger van Zürich te worden, slaat hij af met de woorden: “Ik wil een wereldburger zijn, verbonden met allen, of liever een vreemdeling.” Maar er is één plek waar Erasmus zich wel degelijk aan wil binden: “Moge het mij gegeven zijn ingeschreven te worden in de hemelse stad! Want daarheen ben ik op weg, nu zoveel ziekten mij telkens weer treffen.”

Over zijn aardse bestemming is Erasmus minder specifiek. Erasmus beschouwt zichzelf hooguit als een ingezetene van De Republiek der Letteren. Dit netwerk van de vroegmoderne high society brengt Erasmus naar de Venetiaanse Republiek, waar hij tussen 1506 en 1509 bij de humanistische boekdrukker Aldus Manutius verblijft. Dit is ook de plek waar hij in de ban raakt van klassieke geschriften die door vluchtelingen zijn meegebracht uit het uiteengevallen Oost-Romeinse Rijk.

Ook nu nog is het de Italiaanse laars waar veel vluchtelingen als eerste voet aan wal zetten. Italië moet zien te dealen met een grote toestroom aan migranten die zijn gevlucht voor honger en oorlog of op zoek naar een betere toekomst. Veel Italianen maken geen onderscheid meer tussen de nieuwkomers: zelfs tot in ‘politiek correcte’ kringen spreekt men over de ‘neri’, de zwarten.

(advertentie)
Treinreiswinkel

Moi: ooit een Olympisch dorp, nu een toevluchtsoord voor vluchtelingen uit alle windstreken Beeld: Job Zomerplaag

De gekraakte Olympische droom

In het gekraakte Olympisch dorp van Turijn, waar in 2006 de Spelen plaatsvonden, hebben veel van deze nieuwkomers zich gevestigd. De gekleurde gebouwen van Moi, zoals het gebied in de volksmond heet, huisvesten het vijfvoudige van de driehonderd olympiërs die er in 2006 verbleven. “De bezetting is het resultaat van het falen van overheidsbeleid. Hiervoor sliepen honderden mensen op straat”, vertelt Guiseppe ‘Pino’ Bardaro, een vrijwilliger die Engelse les geeft in de school van Moi. Samen met andere welwillende locals helpt hij de bewoners door buurtprojecten op te zetten, cursussen aan te bieden en de dialoog tussen de Moi-bewoners en omwonenden mogelijk te maken.

Die dialoog verloopt stroef. Waar Erasmus in Italië binnen zijn Republiek der Letteren met open armen wordt ontvangen – hij ontvangt zelfs zijn doctoraat in Turijn – voelen de inwoners van Moi zich ongewenst. Bij de toegangswegen naar deze hedendaagse getto waken zwaarbewapende militairen, die zich nauwelijks in het republiekje durven te vertonen. De problemen binnen Moi zijn namelijk groot, vertelt Pino: “Veel van de jongens kunnen nauwelijks lezen of schrijven en komen door de hoge werkloosheid moeilijk aan een baan.” Hij stelt mij voor aan Mohammed, een twintiger uit Darfoer. In een mengelmoes van Engels en Italiaans praten we over het leven in Moi. Trots laat hij mij zijn kamertje bovenin een van de torens zien. Samen met zijn kamergenoot Sunny uit Tsjaad drinken we koffie en kijken we naar de Italiaanse televisie. In het reclameblok spreken we over zijn dromen en hoop voor de toekomst.

Job en Mohammed in Moi. Beeld: Job Zomerplaag

Het migrantenrepubliekje Moi

Mohammed voelt zich thuis in Europa, vertelt hij, en hoopt ooit echt deel uit te maken van de Italiaanse samenleving: “Ik heb daar niet veel voor nodig: een baan en een dak boven mijn hoofd.” Moi biedt weinig perspectief voor jonge dromers: in de jaren na de Spelen zijn de felle kleuren van de flatgebouwen dof geworden, de verf bladert van het beton. Desalniettemin blijven Mohammed en zijn vrienden hopen op een betere toekomst. Soms wordt er ‘een succesje’ geboekt wanneer iemand het ‘migrantenrepubliekje’ verlaat. Maar Pino moet toegeven dat hij wel eens de hoop verliest: “De meeste mensen zullen Moi nooit verlaten.”

Na het horen van Mohammeds levensverhaal, waaruit blijkt dat hij vele tegenslagen heeft gekend, zeg ik verontwaardigd dat hij niet in dit Europa moet willen wonen. Hij steekt een sigaret op, en fronst zijn hoofd. “Je weet niet waar ik vandaan kom”, bijt hij mij ietwat verbitterd toe. In de stilte die volgt hoop ik een glinstering in zijn grote donkere ogen te zien: een herinnering aan vroeger, een gezicht, een thuis. Maar wanneer de sigarettenrook is opgetrokken zie ik in zijn ogen geen glinstering, maar een weerspiegeling van de torens van Moi. De wedervraag die Mohammed vervolgens stelt blijft onbeantwoord, hoewel dat ook kan zijn omdat hij nooit hardop werd uitgesproken: “Waarheen zal mijn tocht nog verder gaan?”

In het volgende verhaal maak je kennis met ‘Mamma Erasmus’. In Rome spreek ik met de Italiaanse Sofia Corradi, de geestelijk moeder van het succesvolle Erasmus-uitwisselingsprogramma: een gesprek over Erasmus, het belang van onderwijs en de ‘seksuele revolutie’ die zij op haar geweten heeft. 

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
  • Hiermee kun je je aanmelden voor de EM nieuwsbrief. Je krijgt elke donderdag een mail met het belangrijkste nieuws van de week. Er is een Nederlandstalige en een Engelstalige editie.

    Vragen over de nieuwsbrief? Lees eerst onze veelgestelde vragen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Toegestane HTML code

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>