Turkse jongeren moeten te vaak stapelen

Ruim veertig procent van de Turks-Nederlandse studenten zat ooit op het vmbo. Via de havo of het mbo bereikten ze alsnog het hoger onderwijs, maar de stapelroute mag niet de enige zijn, zeggen onderzoekers van het Imes.

Nergens in Europa wordt zoveel gestapeld als in Nederland, blijkt opnieuw uit onderzoek onder tweede generatie Turkse jongeren door het Amsterdamse Instituut voor migratie- en etnische studies (Imes). Door de late start op de basisschool en de vroege selectie in groep acht, krijgen Nederlandse leerlingen van Turkse komaf relatief weinig tijd om een leerachterstand weg te werken. Het selectiemoment in groep acht komt voor velen van hen te vroeg, zeggen de onderzoekers.

Kost tijd en geld

Ze komen in het vmbo terecht, en worden stapelaars: ruim veertig procent van de Nederlands-Turkse studenten begon in het vmbo. Het stapelen compenseert voor de vroege selectie maar kost de jongeren ook veel tijd – en de overheid geld.

Het ministerie van onderwijs, dat om het onderzoek had gevraagd, krijgt daarom het advies de route via de havo te versterken. Die heeft immers vele voordelen op de ‘lange route’ via het mbo: het havo-traject is niet alleen korter en goedkoper, maar leidt in de praktijk vaker tot doorstroom naar het hbo en bereidt leerlingen beter voor op de vaardigheden die vereist zijn op de hogeschool. HOP

Foto Hannah Anthonysz

Deel dit artikel