Direct naar inhoud

Minister Letschert en de academische toren

Gepubliceerd op:

Nog meer Engels maakt onze universiteiten echt niet diverser en inclusiever, meent hoogleraar Filosofie Ronald van Raak.  

Afbeelding door: Geisje van der Linden

De grootste filosoof in ons land in de negentiende eeuw was een Rotterdammer: Cornelis Opzoomer. Misschien kent u zijn naam beter als werkwoord: opzoomeren; bewoners die zelf in actie komen om hun buurt op te knappen en te onderhouden. Dat begon ooit in de Opzoomerstraat, in Delfshaven, en wordt nu financieel ondersteund door de Stichting Opzoomer Mee.

Cornelis Opzoomer deed zelf ook iets bijzonders, nadat hij in 1846 hoogleraar Filosofie werd in Utrecht. Als eerste ooit hield hij zijn inaugurele rede in het Nederlands, in plaats van in het Latijn – zoals tot dan gebeurde. Opzoomer was een liberaal, die streed voor de emancipatie van de burgers. De taal van de universiteit moest daarom aansluiten bij die van de mensen.    

Met Rianne Letschert hebben we nu een liberale minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; ze was zelfs informateur van het liberale kabinet-Jetten. Je zou denken dat Nederlands op de universiteiten haar dierbaar is, zoals haar voorgangers in de negentiende eeuw zo bepleitten, maar dat lijkt niet het geval. In het debat over de verengelsing van het academisch onderwijs nam zij de afgelopen jaren een duidelijk standpunt in. Mensen zoals ik, die ervoor pleitten dat ook colleges in het Nederlands werden gegeven, waren in de ogen van deze onderwijsminister vooral ‘opportunistisch’ en ‘populistisch’. Meer internationale studenten aantrekken was goed voor de universiteiten en dat kon alleen als de colleges werden aangeboden in het Engels. 

'Ik snap niet waarom het inclusiever is om alleen Engelstalige colleges te geven en zo een extra drempel op te werpen voor een deel van de studenten uit deze stad en deze regio'

Met dat laatste ben ik het van harte met de minister eens: het is een eer en vreugd dat zoveel studenten naar onze universiteiten willen komen – en daarvoor helpen onze Engelstalige colleges. Wat ik niet begrijp is waarom dit gepaard zou moeten gaan met afkeer van colleges in het Nederlands – en van mensen zoals ik, die deze colleges willen geven. Ik zie niet waarom het gebruik van een enkele taal, het Engels, meer divers zou zijn dan het bieden van meerdere talen – denk naast het Nederlands aan het Duits of Frans, de talen van onze buurlanden. Ik snap ook niet waarom het inclusiever is om alleen Engelstalige colleges te geven en zo een extra drempel op te werpen voor een deel van de studenten uit deze stad en deze regio. Dat staat haaks op het idee van de universiteit als een emancipatiemachine voor jonge mensen die als eerste in hun familie gaan studeren en voor wie de universiteiten toch al zo’n afstandelijke en elitaire plek zijn. 

De strijd van Cornelis Opzoomer voor het Nederlands in het academisch onderwijs hing samen met het politieke streven van die andere liberale grootheid: Johan Rudolph Thorbecke. De grondlegger van onze parlementaire democratie, waarin de burgers langzaam maar zeker een stem kregen in het bestuur. Het breken met het Latijn op de universiteiten was ook een manier om de kloof tussen elite en bevolking te dichten: in een democratie moesten mensen dezelfde taal spreken. De functie die het Latijn lang had als internationale wetenschapstaal is nu grotendeels overgenomen door het Engels. Dat is heel mooi; de internationale wetenschap laat zich gelukkig niet beperken door landsgrenzen.

Toch hoop ik dat Letschert als minister daarnaast het belang zal zien van Nederlandstalige colleges. Nog meer verengelsing maakt de universiteiten echt niet diverser en inclusiever en sluit ons opnieuw op in een academische toren. 

Lees meer

De redactie

Reacties

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen ga je akkoord met onze regels voor het plaatsen van een reactie. Lees ze alsjeblieft voordat je een reactie plaatst.

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met (verplicht)

Lees verder in Column