Rotterdamse studenten minder reislustig dan Wageningers

Eén op twaalf EUR-studenten gaat met Erasmusbeurs naar het buitenland. In Wageningen is dat aantal drie keer zo hoog.

Beeld: Jirka Matousek

Studenten van de Erasmus Universiteit gaan relatief weinig naar het buitenland met een Erasmusbeurs. Gaat in Rotterdam ongeveer 1 op de 12 studenten op avontuur, onder Wageningers is dat ongeveer 1 op 4.

Daarmee zijn de studenten van de Wageningen Universiteit koplopers. Maastricht en Nijmegen volgen als nummer 2 en 3. Bij de Vrije Universiteit en de Universiteit Leiden komen ze het minst vaak uit hun comfort zone: respectievelijk 1 op de 19 en 1 op de 20 studenten.

De Erasmusbeurzen zijn bedoeld voor studenten die één of twee semesters onderwijs in het buitenland volgen of er stage lopen. In absolute aantallen is de Universiteit van Maastricht de grootste afnemer van Erasmusbeurzen voor studenten, blijkt uit cijfers van internationaliseringsorganisatie EP-Nuffic.

Maar dat betekent niet dat de Maastrichtse studenten het vaakst gebruik maken van een Erasmusbeurs. Dat zijn namelijk de studenten van de kleine Wageningen Universiteit. Daar kreeg – per lichting berekend – één op de vier studenten een Erasmusbeurs, tegen één op de vijf Maastrichtse studenten.

“Onze opleidingen zijn sterk op het buitenland gericht en het werkveld is de wereld”, zegt Cor Langeveld, tot voor kort uitwisselingscoördinator bij Wageningen Universiteit. “De docenten hebben veel contacten met buitenlandse universiteiten, bedrijven en instellingen. Er zijn hier ook veel buitenlanders. Dat geeft een internationale sfeer die er voor zorgt dat veel van onze Nederlandse studenten naar het buitenland willen.”

De drie technische universiteiten scoren rond het wo-gemiddelde van één op elf studenten. Bij de Amsterdamse Vrije Universiteit (één op twintig) en de Universiteit Leiden (één op negentien) zijn er veel minder studenten met een Erasmusbeurs.

Frans Snijders van het international office van de VU bevestigt dat, maar wijst erop dat de animo onder studenten groter is dan de cijfers aangeven. “Er zijn momenteel bijna vierhonderd studenten op uitwisseling of stage in Europa, ruim honderd meer dan vorig jaar. Omdat de toekenning van Erasmusgeld gebaseerd is op de cijfers van vorig jaar, krijgen we nu eigenlijk te weinig. Het verschil passen we zelf bij, want iedere student krijgt een beurs mee.” De belangstelling onder studenten is volgens Snijders onder meer gegroeid sinds alle VU-opleidingen het vijfde semester beschikbaar houden voor uitwisseling.

Opvallend in de cijfers is de grote hoeveelheid Erasmusbeurzen bij de Universiteit van Aruba. Met 102 beurzen gaan twee van de drie studenten op uitwisseling naar Europa.

Deel dit artikel