Hier wonen onze hoogleraren

‘Rotterdamse ondernemers legden het fundament’, staat er vol trots op de website van de Erasmus Universiteit Rotterdam over de ontstaansgeschiedenis van de EUR. Maar hoe Rotterdams ís deze universiteit eigenlijk? EM zocht het uit aan de hand van de hoogleraren: staan ze midden in de stad of forenzen ze slechts dagelijks van en naar Rotterdam?

Als je de critici moet geloven, dan is de Erasmus Universiteit niet of nauwelijks Rotterdams. Studenten wonen vaak niet in de stad en vertrekken na hun studie naar Amsterdam. Bovendien ligt Woudenstein in een uithoek van Rotterdam. Maar het gaat steeds beter, stellen anderen daar tegenover. Zo besloot de universiteit vorig jaar om structureel met de gemeente en het Havenbedrijf op te trekken onder de noemer ‘Make it Happen’.

Een interessante graadmeter voor hoe Rotterdams de Erasmus is en wat zij voor de stad betekent, vormt de woonplaats van de hoogleraren. Als uithangbord van hun faculteiten en disciplines zijn zij bij uitstek in staat om onderzoek en colleges te verbinden met Rotterdam — of dit juist achterwege te laten. EM ging daarom op onderzoek uit en brengt voor het eerst in kaart waar de hoogleraren precies wonen. Zijn het trotse Rotterdammers die leven en werk samen laten smelten, of noeste auto- en treintijgers die weinig meer van de stad zien dan de A16 en de Brienenoordbrug?

Let op: in de weergave is geen rekening gehouden met de 29 die in het buitenland wonen. De verdeling hiervan is als volgt:

  • Verenigde Staten: 4
  • België:16
  • Duitsland:4
  • Luxemburg:1
  • Australië:1
  • Verenigd Koninkrijk: 3

Op basis van de geanalyseerde 455 gewone en bijzondere hoogleraren blijkt dat bijna 30 procent van hen in Rotterdam woont: 134 stuks. Tel je daar buurtgemeentes als Barendrecht en Capelle aan den IJssel bij op, dan komen er nog 42 hoogleraren bij. Je kunt dus gerust stellen dat een derde van de hoogleraren van de Erasmus Universiteit uit Rotterdam komt.

Maar natuurlijk zijn er ook velen die op grootse en meeslepende afstand van de stad blijven. Niet alleen wonen er 29 buiten Nederland (tot Australië aan toe), ook binnen Nederland is veel spreiding. Vrijwel elke provincie levert wel één of meerdere Erasmiaanse professoren. De meeste wonen niettemin dichtbij, zoals in Den Haag (22), Amsterdam (21) en Utrecht (19). Een heel groot verschil zit daarbij niet tussen bijzonder hoogleraren en de reguliere variant, want het is altijd de ‘Grote Vier’ die hoge ogen gooit, met ver in hun kielzog de meer exotische locaties.

Fantastisch leuk

Huib Pols, rector magnificus van de Erasmus Universiteit, vindt het geen probleem dat twee derde van de hoogleraren niet in Rotterdam woont. “Vergeet niet dat veel professoren hier parttime werken en daarom elders wonen. Daarnaast doet het elders wonen niets af aan hun inzet voor de universiteit; die is onverminderd groot.” De Erasmus Universiteit heeft dan ook geen woonplaatsbeleid voor haar professoren. “Het is hun eigen keuze en eigen verantwoordelijkheid. Bovendien werkt de partner ook vaak. De woonplaats is dan vaak een stad tussen beide werkplaatsen in.”

Dat neemt niet weg dat de rector zelf een groot voorstander is van wonen in Rotterdam. “Ik woon en werk met veel plezier in het hart van de stad en beveel Rotterdam graag aan. Het is een fantastisch leuke stad. Maar hier móéten wonen? Nee, daar doen we niet aan.”

Vergelijkingsmateriaal

Goed, een op de drie hoogleraren woont dus in Rotterdam. Maar is dat veel of weinig? Ter vergelijking: Vox, het universiteitsmagazine van de Radboud Universiteit Nijmegen, meldde in 2011 dat 195 van de 364 hoogleraren in of rondom Nijmegen woonde, dus ruim de helft. Begin dit jaar vertelde de Tilburg University dat ruim 60 procent van de professoren zijn huis ‘buiten de regio’ heeft staan. Dit percentage verleidde burgemeester Vreeman van Tilburg ertoe om hen op te roepen toch echt voor Tilburg te kiezen als woonplaats. Hij is er namelijk van overtuigd dat inwonende professoren een aanwinst voor de stad zijn.

En als je de hoogleraren van de universiteit al met een andere beroepsgroep kunt vergelijken, dan vormen de topambtenaren van de gemeente Rotterdam de beste kandidaten. Dagblad Metro maakte eind 2014 bekend dat van die 42 beleidsmakers (goed voor een bruto salaris van meer dan 50.000 euro per jaar) slechts 50 procent in of vlakbij Rotterdam woont. Problematisch vond de woordvoerder van de gemeente dat niet: “Het gaat om de beste man of vrouw voor de functie.” Bovendien is Rotterdam ook niet van plan om zijn belangrijkste ambtenaren te verplichten hier te komen wonen. “We zijn er van overtuigd dat onze ambtenaren ook buiten werktijd voldoende in de stad te vinden zijn.”

Onder professoren

Robert Dur (Rotterdam)

‘Zo kan ik me beter inleven’

“Ik woon hier vanwege mijn werk. Een kwartiertje fietsen en dan ben ik op de universiteit. Daarnaast doe ik een gedeelte van mijn onderzoek samen met de Gemeente Rotterdam. Dat gaat over het gedrag op straat, dus dan is het fijn als je zelf ook regelmatig hier op straat loopt. Zo kan ik me beter inleven. Ook in gesprek met de gemeente is het handig, want ik weet dan beter waar ik het over heb.

Het is daarentegen niet zo dat ik mijn werk minder goed zou doen als ik niet in Rotterdam woon. Ik kan niet zomaar drie voorbeelden noemen van verbeteringen die het hier wonen meebrengt voor mijn onderzoek. De inhoud van mijn werk is dus niet de doorslaggevende reden om hier te zijn.

Rotterdam is een heerlijke stad om in te wonen, maar dat wist ik niet voordat ik hier kwam. Het is een heel levendige stad met veel diversiteit. Mensen winden er geen doekjes om, wat een plezierige manier is om met elkaar om te gaan. Daarnaast is er veel te doen. Je kunt altijd wel ergens naartoe. Dat is wel anders in Utrecht, waar ik vandaan kom. Ik zeg daar niets vervelends over, maar het is gewoon een kleinere stad dan Rotterdam.

Ik ben in Rotterdam ook actief in de medezeggenschapsraad van de school waar mijn kinderen zitten. Daarnaast gaan we vaak uit eten, zoals bij Lantaren/Venster en Westerkaatje. En toen we net aan de Heemraadssingel woonden en en nog geen internet hadden, zaten we bijna dagelijks bij Espresso Dates bij ons om de hoek.”

Robert Dur

  • Woonplaats: Rotterdam, wijk Delfshaven
  • Functie: Professor of Economics of Incentives and Performance (Erasmus School of Economics)
  • Erasmus-cv: gestart in 1992 als student, toen gepromoveerd en (met een korte uitstap naar Utrecht) betrokken gebleven.
  • Woningtype: herenhuis aan de Heemraadssingel
  • Woonhistorie: woont er zes maanden, daarvoor bijna tien jaar in Noord

Régine Steegers-Theunissen (Rotterdam)

‘Het heeft me een jaar gekost om aan deze stad te wennen’

“We wonen voornamelijk in Rotterdam om naar ons werk te kunnen fietsen. Mijn echtgenoot begon in 2001 fulltime in het Erasmus, ik één dag per week. De andere dagen werkte ik nog in het Radboudumc in Nijmegen. Die reistijd was niet doorslaggevend om in 2005 volledig in het Erasmus te gaan werken. De mogelijkheden waren hier gewoon erg uitdagend. Maar sinds we allebei volledig in Rotterdam werken, geeft dat wel veel meer rust, ook voor ons gezin.

Ik profiteer ervan voor mijn werk om in Rotterdam te wonen, want het geeft me het gevoel dat ik iets bijdraag aan de stad. (lachend) Dat zou me moeten verbazen, want ik heb altijd gezegd dat ik overal wilde wonen behalve in Rotterdam. Inmiddels geeft de stad me heel veel mogelijkheden, energie en uitdagingen. De mensen zijn hier ook enorm vriendelijk en heerlijk direct. Dat is in Nijmegen veel minder. Er wordt altijd gezegd dat mensen in het oosten aardiger zijn, maar in mijn ervaring is dat toch wat anders.

Het heeft me een jaar gekost om aan deze stad te wennen. Ik was veertig toen ik hier kwam, en ik had mijn leven lang in Nijmegen gewoond: ik was er geboren, had er gestudeerd en werkte er. Ik kende daar echt elke steen. Rotterdam kende ik eerlijk gezegd nog niet toen ik hier kwam. In het begin moest ik op de fiets of in de auto met de kaart in de hand naar straten zoeken. Maar toen ik alles zonder kaart kon vinden, was dat voorbij. Inmiddels wil ik echt niet meer weg, tenzij er iets heel bijzonders voorbij komt.

Naast mijn werk, de dagelijkse boodschappen en lekker koken doe ik niet zoveel in Rotterdam. We werken gewoon met heel veel plezier in het Erasmus MC. In de weekenden gaan we vaak zeilen in Noord-Holland, waar onze boot ligt. In de wintertijd doen we meer in Rotterdam. We gaan dan naar de film, bekijken theatervoorstellingen en bezoeken concerten in De Doelen.”

Régine Steegers-Theunissen

  • Woonplaats: Rotterdam, wijk Hillegersberg-Zuid
  • Functie: Professor in Periconceptie Epidemiologie (Erasmus MC)
  • Erasmus-cv: deeltijd gestart in 2001, sinds 2005 fulltime
  • Woningtype: herenhuis uit 1915, half vrijstaand, aan de Straatweg
  • Woonhistorie: woont er sinds 2001

Henk Stam (Sint Jansteen, Zeeland)

‘Waar praten we over?’

“Ik woon in Sint Jansteen, een dorp tegen Hulst aan in het oosten van Zeeuws-Vlaanderen. In 1987 ben ik hier met mijn vrouw en kinderen komen wonen en werken, als eerste revalidatiearts van Zeeuws-Vlaanderen. Na vier jaar kon ik weer terug naar het Erasmus MC als afdelingshoofd. Maar inmiddels hadden we ons sociale leven opgebouwd in Zeeuws-Vlaanderen en gingen onze kinderen daar naar school. We zijn daarom niet terug verhuisd.

Naar het Erasmus MC is het 120 kilometer rijden, iets wat ik vier keer per week doe. Ik overnacht daarnaast twee keer per week in Rotterdam. In het begin besprak ik elk jaar met mijn vrouw of het zo goed ging. Al snel bleek dat het nadeel van twee à drie avonden per week niet thuis zijn niet opwoog tegen de voordelen van in Zeeuws-Vlaanderen wonen. Inmiddels discussiëren mijn vrouw en ik daarom niet meer over een terugkeer. Wonen in Zeeuws-Vlaanderen heeft namelijk veel voordelen: het leven is overzichtelijk, rustig en veilig. Dat vind je in de Randstad niet, tenzij je een hypotheek van een miljoen afsluit.

Nadelen zijn er amper. Ja, ik ben soms van huis, maar als ik chirurg was in een maatschap, dan had ik ook vaak nachtdiensten. Er zijn zoveel beroepen waarbij je vaak van huis bent. Dus waar praten we over? Het enige nadeel van ver weg wonen is als vrouw of kinderen ziek zijn. Dan zit je hier, wetende dat er thuis iets is. Gelukkig is dat bijna nooit aan de orde.

Maar vergis je niet: ik ben een Rotterdammer die in Zeeland is verdwaald. Ik ben echt verknocht aan de stad. Mijn vader, moeder, opa, overgrootvader én over-overgrootvader waren óók Rotterdammers. Ik ga dan ook graag de stad in, meestal naar mijn stamkroeg waar mijn vrienden komen. Daar eet en drink ik wat, en kijk ik voetbal. Die kroeg is een soort dorp in de stad. Het is dus geen opgave om in Rotterdam te zijn. Maar ik kom niet meer terug.”

Beeld: Hier wonen onze hoogleraren

Henk Stam

  • Woonplaats: Sint Jansteen
  • Functie: afdelingshoofd en hoogleraar Revalidatiegeneeskunde (Erasmus MC)
  • Erasmus-cv: in 1980 begonnen als aios, tot 1987 staflid, sinds 1991 afdelingshoofd en sinds 1994 hoogleraar
  • Woningtype: vrijstaand huis uit 1955, gelegen aan een eendenvijver (in dialect de pieleput)
  • Woonhistorie: geboren en getogen in Rotterdam en sinds 1987 wonend in Sint Jansteen

Deel dit artikel