Onderwijspionier Ginie Servant-Miklos: ‘Ik vraag mijn studenten niet om de klimaatcrisis op te lossen, maar om die te overleven’
EM spreekt met docenten over hoe het onderwijs van de toekomst volgens hen eruit zou moeten zien en hoe ze dat in de collegezaal toepassen. Ginie Servant-Miklos, die deze week de onderwijsprijs van de universiteit ontving, wil studenten niet alleen kennis meegeven, maar hen vooral leren om in actie te komen.

Servant-Miklos geeft vandaag les over activisme.
Afbeelding door: Nhat Minh Bui
“Als ik het woord ‘activist’ zeg, waar denk je dan aan?”, vraagt docent Ginie Servant-Miklos aan haar twintig studenten in de voorkamer van het Hef House op Rotterdam-Zuid. De warme namiddagzon valt door de ramen en de deur staat halfopen om de wind binnen te laten. Een student wappert met haar schrift. “Protesteren”, reageert ze. “De snelweg blokkeren”, zegt een ander.
Servant-Miklos knikt. “Precies. De A12, Extinction Rebellion, boze mensen met spandoeken. Maar ik wil het idee wegnemen dat een activist iemand is die op de A12 zit. Ja, sommige activisten zitten op de A12, maar zoals ik jullie vandaag ga uitleggen, is dat waarschijnlijk een van de minst effectieve vormen van activisme als je daadwerkelijk iets wil veranderen aan het klimaatprobleem.”
Het komende halfuur maakt Servant-Miklos haar belofte waar. Ze vertelt over de ontwikkeling van de klimaatcrisis in de afgelopen decennia en eindigt met praktische stappen om zelf activist te worden. Ze loopt door de ruimte, stelt vragen en maakt grappen. Feiten over de klimaatcrisis gebruikt ze af en toe om haar verhaal kracht bij te zetten.

Servant-Miklos gebruikt feiten om haar verhaal kracht bij te zetten.
Afbeelding door: Nhat Minh Bui
‘Actionist’
Zelf noemt ze zichzelf liever een ‘actionist’, vertelt ze. “Ik denk dat er binnen de universiteit ruimte is voor mensen die alles willen ontleden en bekritiseren. Maar zo ben ik niet. Ik moet iets doen, ik wil actie. Ik moet mensen bij elkaar brengen en een concrete verandering in het leven van mensen teweegbrengen. Je zal me niet op de A12 vinden, maar je zal me wel dingen zien proberen op te bouwen.”
Wat ze onder andere bouwt, is de Bildung Climate School, een onderwijsprogramma waarin studenten van verschillende onderwijsniveaus – van mbo tot universiteit – colleges en workshops volgen over de klimaatcrisis en maatschappelijke veranderingen.
Het programma komt voort uit haar methode van ‘experimentele pedagogie’, een onderwijsaanpak die begint bij het individu en vervolgens via de groep en de gemeenschap naar grotere maatschappelijke vraagstukken gaat. “Deze aanpak helpt je te begrijpen wie je bent, hoe je functioneert binnen een collectief, wat een gemeenschap is en waarom gemeenschappen op dit moment uit elkaar vallen. En om te begrijpen hoe het individuele en lokale niveau samenhangen met grotere mondiale vraagstukken.”
Geen scheiding tussen theoretisch en praktisch onderwijs
Met de manier waarop het Nederlandse onderwijs is ingericht heeft Servant-Miklos moeite. Voor haar is de scheiding tussen theoretisch en praktisch onderwijs niet alleen een onderwijsprobleem, maar ook een maatschappelijk risico. Mbo, hbo en universiteit zijn volgens haar te veel gescheiden. Studenten worden al jong in verschillende onderwijsroutes geplaatst en komen daarna maar weinig met elkaar in aanraking. “Terwijl samenwerken met mensen met wie je het niet volledig eens bent, onderdeel is van het leerproces.” Ze noemt dat ‘imperfecte solidariteit’. Wie alleen samenwerkt met mensen die precies hetzelfde denken, blijft volgens haar gemakkelijk in de eigen bubbel zitten.

Studenten van Bildung Climate School komen uit alle onderwijsniveaus.
Afbeelding door: Nhat Minh Bui
Iedereen zou volgens haar zowel praktisch als theoretisch werk moeten kunnen doen. “Ook studenten uit praktijkgerichte opleidingen moeten toegang hebben tot artistiek of theoretisch onderwijs, niet alleen tot vaardigheden die rechtstreeks naar een beroep leiden.” Daarom is de Bildung Climate School open voor alle niveaus. “Ik zie mijn klas als een soort broedplaats voor een nieuwe vorm van samenleving.”
Met je handen werken
Na het hoorcollege krijgen de studenten een opdracht. Ze hebben oude t-shirts meegenomen en gaan daarop hun eigen verhaal zetten: ze mogen schilderen wat voor activist ze willen zijn. “Je kan kiezen welk materiaal je wil gebruiken. De verf is hier en daar zijn textielstiften”, zegt Servant-Miklos, wijzend naar een grote tafel in de hoek van de kamer. Sommige studenten werken liever met spuitverf. Zij zetten buiten een werktafel neer en spuiten hun t-shirts om de beurt met alle kleuren van de regenboog.

Studenten schilderen hun oude t-shirt.
Afbeelding door: Nhat Minh Bui
Werken met de handen is niets nieuws in de colleges van Servant-Miklos. Studenten koken, zingen of dansen samen. In de Climate School gebruikt ze kunst en muziek om studenten niet alleen intellectueel, maar ook lichamelijk en emotioneel te laten leren, vertelt ze. “We zitten vaak te veel in ons hoofd, en de gedachten en gevoelens in ons lichaam moeten eruit kunnen, daarom moeten we met iets tastbaars werken.”
Veel studenten blijven volgens haar ook hangen in angst en machteloosheid over klimaatverandering. Door samen iets te maken, moet dat gevoel van verlamming plaatsmaken voor handelingsvermogen. “Ik vraag mijn studenten niet om de klimaatcrisis op te lossen, maar om die te overleven. En toevallig zijn de dingen die we doen om klimaatcrisis te overleven, zoals bijvoorbeeld zelf planten kweken of duurzaam energie gebruiken, dezelfde dingen die het kunnen oplossen.”
Bovendien, voegt ze eraan toe, kun je veel discussie oproepen met een object. “Als studenten bijvoorbeeld een nieuw kledingstuk maken van afgedankte kleding, komen de vragen vanzelf op: waarom is dit kledingstuk weggegooid? Waarom is de ene stof van goede kwaliteit en de andere niet? Waarom is kleding zo goedkoop als het zoveel werk kost om te maken? En hoe kan een T-shirt inclusief transport vanuit China überhaupt twee euro kosten?”

Een student laat haar creatie zien aan Servant-Miklos.
Afbeelding door: Nhat Minh Bui
Verhalenverteller
Ook in haar reguliere onderwijs op de Erasmus School of Social and Behavioural Sciences past ze dezelfde principes toe: kennis meegeven zodat studenten praktisch kunnen handelen. “In mijn hart ben ik een verhalenverteller. Daarom dwing ik studenten eigenlijk nooit om iets te lezen. Mijn uitgangspunt is dat ze, als ik de colleges interessant genoeg heb gemaakt, uit zichzelf willen lezen. En dat doen ze”, vertelt ze. “Ik ben veel meer geïnteresseerd in de transformerende kracht van onderwijs dan in het door hun strot duwen van zoveel mogelijk lesstof.”
Ginie Servant-Miklos is universitair hoofddocent aan de Erasmus School of Social and Behavioural Sciences. Haar werk richt zich op innovatieve pedagogiek, duurzaamheid en maatschappelijke verandering. Ze is auteur van Pedagogies of Collapse: A hopeful education for the end of the world as we know it (2024) en The left we need: sex, drugs, rock’n’roll and climate justice for all (2027). Ze richtte de Bildung Climate School op, een vernieuwende klimaatonderwijs waarin mbo-, hbo- en wo-studenten samenwerken. Voor de verdere ontwikkeling van dit onderwijsprogramma ontving ze in 2025 een Comenius Leadership Fellowship van 530.000 euro.
Lees verder
De redactie
-
Feba SukmanaRedacteur
Reacties
Meer Onderwijs
-
AI in scriptie is niet altijd fraude, oordeelt hoogste onderwijsrechter
Gepubliceerd op:-
Kunstmatige intelligentie
-
Onderwijs
-
-
Minder IT-studenten door opkomst AI: ‘We hebben ze juist nodig’
Gepubliceerd op:-
Onderwijs
-
-
CPB: Internationale studenten leveren Nederland geld op
Gepubliceerd op:-
Internationalisering
-
Laat een reactie achter