Estse president Alar Karis in Erasmus Paviljoen: ‘We zijn niet in oorlog, maar ook niet in vrede’
In een bijna uitverkocht Erasmus Paviljoen nam de Estse president Alar Karis donderdagmiddag onder luid applaus de World Leader Cycle Award in ontvangst. Zijn boodschap was helder: Europa leeft volgens hem in een grijs gebied tussen vrede en conflict – en moet zich daarop voorbereiden.

Afbeelding door: Nhat Minh Bui
De uitreiking vond plaats tijdens de EFR Inspiration Days. Voor Karis was het een drukke dag. Eerder die ochtend sprak hij met de koning in Paleis Huis ten Bosch en bezocht hij minister-president Rob Jetten in Den Haag. In Rotterdam trof hij zo’n honderdvijftig studenten en alumni–Woudestein is bekend terrein voor de president van Estland: hij was er eerder zelf onderzoeker.
‘Niet in oorlog, niet in vrede’
Na de uitreiking volgde een toespraak waarin Karis een wereld schetste waarin technologische vooruitgang gepaard gaat met toenemende geopolitieke spanningen. Europa bevindt zich volgens hem in een ongemakkelijke tussenfase: “We zijn niet in oorlog, maar ook niet volledig in vrede.”

Afbeelding door: Nhat Minh Bui
Hij wees op cyberaanvallen, sabotage en desinformatie als tekenen van een ‘nieuwe realiteit’. Toch klonk er geen paniek door in zijn woorden. “Wij in Estland zijn niet bang. We kennen onze buur. We weten wat we kunnen verwachten, en we weten wat we moeten doen.”
Die uitspraak viel op bij econometriestudent Arjuna Bertholee, vertelde zij achteraf. “Ik vond het interessant dat hij zei minder bang te zijn, juist omdat Estland dichtbij Rusland ligt. In West-Europa voelt het verder weg, maar tegelijkertijd ook dreigender.”
Investeren in afschrikking
Het thema van de Inspiration days was dit jaar ‘economy of defence’, en dat klonk duidelijk door in Karis’ toespraak. Hij benadrukte dat Estland fors investeert in defensie. Volgens Karis gaat het daarbij niet alleen om hoeveel er wordt uitgegeven, maar vooral om geloofwaardigheid. “Afschrikking werkt alleen als het overtuigend is.”
Hij riep Europese landen op om sneller te investeren in militaire capaciteit, zoals luchtverdediging en langeafstandswapens. Die oproep leidde tot kritische vragen uit de zaal. Een student wees erop dat Europese landen gezamenlijk al meer uitgeven dan Rusland.
Karis bleef bij zijn standpunt: “Het gaat niet alleen om cijfers. Rusland is bereid offers te brengen die wij niet accepteren. Daarom moeten wij sterker zijn, juist om oorlog te voorkomen.”

Afbeelding door: Nhat Minh Bui
Olifant in de kamer
Naast defensie ging Karis in op de rol van Europa binnen internationale samenwerking. Hoewel hij het belang van de NAVO en de Verenigde Staten onderstreepte, riep hij Europese landen op om meer verantwoordelijkheid te nemen. “Europa moet sterker worden. Niet als vervanging van de Verenigde Staten, maar als aanvulling.”
Niet alle studenten waren hier volledig van overtuigd. IBEB-student Tjeunkin Cheung miste diepgang in de toespraak: “Het was interessant, maar ook vrij politiek correct. Hij ging niet diep in op de groeiende ideologische verschillen binnen Europa. Dat voelde als de olifant in de kamer.”
Onderonsje

Afbeelding door: Nhat Minh Bui
Tijdens de vragenronde kreeg IBEB-student Karl Toomsoo, zelf afkomstig uit Estland, de kans om de president van zijn thuisland een vraag te stellen. Na een kort onderonsje in het Estisch vroeg hij naar de impact van stijgende defensie-uitgaven op burgers. Karis erkende dat prijsstijgingen zelden populair zijn, maar benadrukte dat investeringen in defensie noodzakelijk blijven. Toomsoo was niet verrast: “Het was een diplomatiek antwoord, zoals je van een president verwacht.”
Wel plaatste hij een kanttekening bij Karis’ visie op de Verenigde Staten: “Ik weet niet of ik het volledig eens ben met hoe hij sprak over de Verenigde Staten als bondgenoot, zeker in de huidige geopolitieke context.”
Lang proces
Het is al een tijd geleden dat de World Leader Cycle Award, een EFR-prijs voor ‘wereldleiders met exceptionele prestaties op het gebied van politiek, economie en maatschappij’, voor het laatst werd uitgereikt. De vorige edities waren in 2016 (Ban Ki-moon) en 2018 (François Hollande). Volgens EFR-president Juliëtte Beerenhout is het een uitdaging om de prijs jaarlijks uit te reiken: “Het is logistiek erg lastig om dit elk jaar te organiseren. Je moet jaren van tevoren al contact hebben met de ambassades. Daarom zijn we extra trots dat het dit jaar is gelukt.”
Een lijst met artikelen
-
EFR mag niet meer samenwerken met Shell en vreest financiële gevolgen
Gepubliceerd op:-
Studentenleven
-
De redactie
-
Sarah de GruijterStudentredacteur
Reacties
Meer Politiek
-
Raad van State kraakt nieuwe tegemoetkoming voor pechstudenten
Gepubliceerd op:-
Politiek
-
Studentenleven
-
-
Minister Rianne Letschert wil ‘rust en stabiliteit’ terugbrengen
Gepubliceerd op:-
Politiek
-
-
Tweede Kamer akkoord met onderwijsbezuinigingen voor 2026
Gepubliceerd op:-
Politiek
-
Laat een reactie achter