Een falende staat

Pietro Vigilanza is verbijsterd over wat er is geworden van wat ooit het beste land in Zuid-Amerika werd genoemd: zijn moederland Venezuela.

Beeld: Levien Willemse

Ik dacht dat ik klaar was met alles wat met mijn geboorteland Venezuela te maken heeft. Na er achttien jaar te hebben gewoond, was ik moe en werd de teleurstelling, wanhoop en het pessimisme me te veel.

Hoewel ik me nog sterk verbonden voel met mijn land van herkomst en ik mijn land niets dan het beste toewens, raakte ik emotioneel uitgeput door voortdurend aan Venezuela te denken. Hoe kan ik gelukkig zijn wanneer mijn vaderland langzaam wordt verzwolgen door een mislukte ideologie?

Hoewel ik aan ‘hersengymnastiek’ doe om mijn hersenen te leren hoe ze dingen moeten vergeten, denk ik toch steeds weer aan Venezuela. Onlangs noemde Trump tijdens een onbeschofte toespraak op de MUN zijn drie voornaamste vijanden: Iran, Noord-Korea en Venezuela.

Ik was stomverbaasd, en dat is nog zwak uitgedrukt. In de arena van de politieke discussie werd nu een vergelijking getrokken tussen de beruchte ‘raketman’ en Venezuela. Mijn land zit nu op één lijn met Noord-Korea wat betreft autoritaire praktijken en het welzijn van de bevolking.

Helaas moet ik na een zomer in mijn thuisland te hebben doorgebracht bekennen dat deze beweringen en vergelijkingen waar zijn. Het is waar dat voedsel zo schaars is in Venezuela dat ik uit schaamte niet voor de ogen van andere mensen durfde te eten. Het is waar dat het land zo onveilig is dat het wordt aanbevolen om een gepantserde auto te kopen. Het is waar dat geneesmiddelen nauwelijks verkrijgbaar zijn, waardoor ik naar vijf verschillende apotheken moest gaan voor doorsnee pijnstillers. Deze lijst kan nog verder worden aangevuld met meer absolute waarheden over mijn land.

Ik ben verbijsterd over wat er is geworden van wat ooit het beste land in Zuid-Amerika werd genoemd. Mijn ouders herinneren zich dat land nog goed en denken verlangend terug aan de tijd waarin ‘Venezuela een voorbeeld was voor alle Zuid-Amerikaanse naties’. Nu lijkt dat onvoorstelbaar.

Maar ik wacht nog altijd geduldig op de terugkeer van de utopie die mijn ouders zich zo levendig herinneren.

Pietro Vigilanza (20) uit Venezuela woont sinds twee jaar in Rotterdam en studeert IBCoM

Deel dit artikel