“R.V.S.V.-dames pik je er altijd zo uit”, zei een bedrijfsvertegenwoordiger ooit tegen werktuigbouwkundestudent Sophie de Vries Robbé. Ze is dit jaar preses van de Rotterdamsche Vrouwelijke Studenten Vereeniging (R.V.S.V.). De club viert dit jaar haar honderdste verjaardag.

“Ze zijn niet bang om voor hun mening uit te komen en zijn te herkennen aan hun enthousiasme, zo omschreef de vertegenwoordiger de R.V.S.V.-leden”, vervolgt De Vries Robbé. “Als ik zoiets hoor, ben ik wel trots. Natuurlijk kun je niet alle leden over een kam scheren, maar ik denk wel dat deze omschrijving treffend is in de meeste gevallen.”

eerste-lichting
Een groepsfoto uit 1919 van alle toenmalige leden Beeld door: Archief R.V.S.V.
koets
Tijdens het lustrum in 1936 maken de leden een rondrit door de stad in een koets Beeld door: Archief R.V.S.V.
lustrumdiner1941
Lustrumdiner in 1941 Beeld door: Archief RVSV
Dies-68
Tijdens een open feest ter ere van de 68ste verjaardag van de vereniging. Beeld door: Archief R.V.S.V.

Leren van fouten

De vereniging bestaat dit jaar een eeuw. In 1915 was de oprichting en op 12 februari 1916 zag de vereniging officieel het levenslicht. Officieel is de vereniging ietsjes jonger: op 7 november 1941 heft de vereniging zichzelf op om op 11 augustus 1945 weer terug te keren. De vereniging heeft in al die jaren veel veranderingen doorgemaakt. Zo verhuisden de dames drie keer, was en is het een komen en gaan van verschillende activiteiten, en weet de vereniging steeds meer leden aan te trekken.

Maar de sfeer, die bleef in al die jaren hetzelfde, vertelt R.V.S.V.-lid Frederique Vogely. Zij zit in de eeuwboekcommissie, een commissie die een boek over 100 jaar R.V.S.V. samenstelt. “Het maakt niet uit wie je spreekt, ze geven allemaal hetzelfde antwoord. Als je vraagt naar hun waardevolste herinnering, dan beginnen ze meteen over de vriendschappen die ze daar hebben gesloten, dat ze de vereniging als tweede familie zagen en dat het een plek is waar ze veel leerden”, vertelt Vogely.

Zowel zij als De Vries Robbé herkennen zich hier wel in. “Wat ik zo mooi vind aan de vereniging is dat je de kans en de ruimte krijgt om te groeien”, legt Vogely uit. “Je krijgt de kans om fouten te maken en daarvan te leren. Die mogelijkheid heb je niet in het bedrijfsleven. Juist omdat het hier wel mogelijk is, leer je door te zetten.”

1984
Bestuurswissellunch in 1984 Beeld door: Archief R.V.S.V.
kroegfoto
Borrelen op de sociëteit (2004) Beeld door: Levien Willemse
Hedendaags kijkje in één van de dispuutshuizen van de R.V.S.V. Beeld door: Ronald van den Heerik
11. Foto Ronald
Dispuutshuis Huize de Kurketrekker Beeld door: Ronald van den Heerik

Helemaal jezelf zijn

Het mogen ook wel doorzetters zijn, de dames van de R.V.S.V. “Het was vooral in het begin maar een kleine groep vrouwen die economie ging studeren”, vertelt De Vries Robbe. Daar moesten de dames wel lef voor hebben, want vooral in die tijd werd de opleiding Economie door mannen gedomineerd. Misschien is dat ook wel de reden dat de dames toen naar elkaar toe
trokken en wat vrouwen nu nog steeds aantrekt aan de vereniging. “Ik was de enige van mijn middelbare school die in Rotterdam ging studeren”, vertelt De Vries Robbé. “Ik maakte tijdens de Eurekaweek kennis met de vereniging en voelde me er meteen thuis. Juist het ongemengde trok me aan. Als er mannen bij zijn, dan ben je daar toch mee bezig. Als het alleen vrouwen onder elkaar is, dan kun je echt helemaal jezelf zijn.”

Hoe zit het dan met de almaar terugkerende geruchten dat de R.V.S.V. gaat fuseren met de mannelijke equivalent, de R.S.C.? De Vries Robbé begint te lachen. “Ik weet niet waar die roddels toch steeds vandaan komen. Een fusie ligt niet op tafel. Wel hebben we afgesproken nauwer te gaan samenwerken. Samen bier inkopen bijvoorbeeld. We zitten per slot van rekening in dezelfde societeit.” En in de toekomst? “Alles is mogelijk natuurlijk, maar voor nu blijven de verenigingen in ieder geval gescheiden.”

Installatie van eerstejaars afgelopen jaar in de Hoflaankerk Beeld door: Archief R.V.S.V.