“Geef coassistenten eindelijk een stagevergoeding”

Als de basisbeurs verdwijnt, moeten coassistenten eindelijk een stagevergoeding krijgen, vindt hun belangenorganisatie. Als ze in het ziekenhuis werken hebben ze namelijk geen tijd voor een bijbaantje.

Coassistenten ontvangen ten onrechte geen stagevergoeding, schrijft Hein Handgraaf, voorzitter van het studentenplatform van de landelijke artsenvereniging KNMG. Hoewel in de cao voor ziekenhuizen staat dat ‘leerlingen’ recht hebben op een stagevergoeding, weigert de Nederlandse vereniging van ziekenhuizen (NVZ) volgens Handgraaf die te geven. “Wel de lusten, niet de lasten.” Daarbij vindt hij het oneerlijk dat bijvoorbeeld verpleegkundestudenten wel geld krijgen tijdens hun stage.

Omdat ze vaak meer dan veertig uur per week in het ziekenhuis werken, hebben artsen in opleiding over het algemeen geen tijd over om een extra zakcentje te verdienen. Geneeskundestudenten moeten zich daardoor in de toekomst dieper in de schulden steken dan anderen.

MFVR

Stefan Vinken, voorzitter van de Medische Faculteits Vereniging Rotterdam (MFVR), is het volledig eens met het pleidooi van Handgraaf: “Zeker als de studiefinanciering wordt afgeschaft lijkt het me een logische stap om daar een stagevergoeding voor coassistenten tegenover te zetten.” De MFVR-voorzitter denkt dat de op handen zijnde bezuinigingen op de studiefinanciering en de ov-studentenkaart coassistenten harder treffen. “Het zou voor iedere student een terugval in inkomsten betekenen, maar aangezien een master Geneeskunde drie jaar duurt en coassistenten geen tijd hebben voor een bijbaan worden ze veel harder geraakt.”

De discussie over een stagevergoeding voor geneeskundestudenten loopt al jaren. Volgens de NVZ zijn coassistenten namelijk geen stagiaires, maar studenten. De NVZ was niet bereikbaar voor commentaar. HOP/TF

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
  • Hiermee kun je je aanmelden voor de EM nieuwsbrief. Je krijgt elke donderdag een mail met het belangrijkste nieuws van de week. Er is een Nederlandstalige en een Engelstalige editie.

    Vragen over de nieuwsbrief? Lees eerst onze veelgestelde vragen.