Meer studenten, minder geld

Alle ambities met de kenniseconomie ten spijt zullen de hogescholen en universiteiten de komende jaren minder geld per student ontvangen. Zeker als de instroom zo onstuimig blijft groeien.

De grote toestroom van studenten zorgt voor druk op de begroting (foto: Michelle Muus).

Het toenemende aantal studenten heeft gevolgen voor de onderwijsbegroting, erkent het demissionaire kabinet Balkenende. Een tabel laat zien dat de onderwijsuitgaven per student licht teruglopen in het hbo (6000 euro) en gelijk blijven in het wo (5900 euro).

Bedrag per student daalt

Bovendien zal het totale onderwijsbudget de komende jaren niet meer stijgen, ook niet als het aantal studenten – zoals te verwachten valt – blijft toenemen. Daar komt bij dat universiteiten en hogescholen geen geld krijgen om stijgende loonkosten op te vangen. Feitelijk zal daardoor het beschikbare bedrag per student verder dalen.

Dommer dan gedacht

De studiefinanciering kost minder dan voorzien, blijkt uit de rijksbegroting. Weliswaar moet OCW aan meer studenten studiebeurzen uitbetalen, maar daar staat tegenover dat studenten dommer blijken dan geraamd: ze halen minder snel een diploma. Met als gevolg dat er minder prestatiebeurzen worden omgezet in een gift. Bovendien gebruiken minder studenten hun OV-chipkaart en vragen ze minder vaak een aanvullende beurs aan. Al met al levert dat de schatkist een meevaller van 32,7 miljoen euro op.

Daarmee is het ministerie niet uit de zorgen. Het kabinet houdt 235 miljoen euro aan ‘enveloppemiddelen’ in de knip die vorig jaar gereserveerd waren voor nieuw OCW-beleid. Welk bedrag hoger onderwijs en onderzoek precies mislopen valt niet af te leiden uit de OCW-begroting. HOP

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
  • Hiermee kun je je aanmelden voor de EM nieuwsbrief. Je krijgt elke donderdag een mail met het belangrijkste nieuws van de week. Er is een Nederlandstalige en een Engelstalige editie.

    Vragen over de nieuwsbrief? Lees eerst onze veelgestelde vragen.