Wat we wilden weten

Een op de tien vrouwelijke studenten in Nederland is slachtoffer van verkrachting tijdens haar studententijd, bleek vorig jaar uit onderzoek van I&O Research in opdracht van Amnesty International. Maar welke andere seksueel grensoverschrijdende ervaringen hebben studenten? En hoe vaak vindt dat plaats in het studentenleven of op de universiteit?

De overschrijding van seksuele grenzen gaat over meer dan ervaringen, het gaat ook over gedrag, houdingen, gedeelde normen en context. Wat vinden studenten grensoverschrijdend? Hoe denken en praten ze over instemming?

Daarnaast heeft de universiteit een rol. Maar wat is die rol precies? Seksueel grensoverschrijdend gedrag vindt meestal plaats tussen studenten. Soms is dat op de campus, maar vaak ook niet. En ook als er iets vervelends gebeurt tijdens het uitgaan of in een studentenhuis, kan het zijn dat studenten elkaar tegenkomen in de collegezaal. Wat verwachten studenten daarvan? Weten ze de juiste loketten en procedures te vinden?

Wat verstaan we onder seksueel grensoverschrijdende ervaringen?

Wederzijdse instemming, vrijwilligheid en gelijkwaardigheid zijn nodig voor positieve seksuele interactie, zegt kenniscentrum Rutgers in een whitepaper Seksuele grensoverschrijding en seksueel geweld. Als minstens een van die drie dingen afwezig is, kun je spreken over seksuele grensoverschrijding.

Dat hebben we proberen te meten door te vragen of respondenten sinds ze aan de Erasmus Universiteit studeren weleens tegen hun wil penetratie of orale seks hebben gehad, ongewenst aangeraakt zijn of ongewenste verbale of digitale seksueel getinte opmerkingen, grappen of beelden hebben ontvangen. Ze konden twaalf verschillende ervaringen aanvinken en kregen vervolgvragen over hoe dat ging, wie dat deed, waar het gebeurde, of er sprake was van druk of dwang, en met wie ze erover hebben gesproken.

Sommige studenten merkten terecht op dat die lijst niet volledig is en seksueel grensoverschrijdend gedrag soms complexer is. Stalking zit er bijvoorbeeld niet bij, terwijl dat vaak wel een seksuele component heeft.

Hier zie je de vragenlijst die we hebben gebruikt voor dit onderzoek:

Vragenlijst onderzoek seksueel grensoverschrijdend gedrag

Waarom gaat het onderzoek alleen over studenten?

Omdat het ergens afgebakend moest worden. Natuurlijk vindt seksueel grensoverschrijdend gedrag ook plaats bij medewerkers. Er is regelmatig aandacht voor ongewenst gedrag op de werkvloer en de afhankelijkheidsrelaties van promovendi ten opzichte van hun begeleiders. Daar wordt ook onderzoek naar gedaan in enquêtes onder promovendi of medewerkersonderzoeken.

Voor studenten was zo’n onderzoek er nog niet. De vertrouwenspersonen houden wel bij hoeveel studenten seksueel grensoverschrijdend gedrag bij hen melden, maar denken zelf dat ze niet weten hoe vaak grensoverschrijdend gedrag daadwerkelijk plaatsvindt. In de jaarverslagen van 2019 en 2020 pleiten de vertrouwenspersonen daarom voor een onderzoek naar ongewenst gedrag onder studenten.

Wie vulden de enquête in?

293 studenten vulden de vragenlijst in tussen 24 maart en 10 april. De respondenten zijn verdeeld over alle faculteiten. Een op de drie respondenten is masterstudent, de rest bachelorstudent. Een op de drie respondenten is een internationale student. Dat is iets meer dan onder alle studenten. Vrouwelijke studenten zijn oververtegenwoordigd in het onderzoek. 66 procent van de respondenten is vrouw, tegenover 55 procent van alle EUR-studenten. Hetzelfde geldt waarschijnlijk voor LHBTI+-studenten, hoewel dat moeilijk te zeggen is aangezien niet bekend is welk deel van de studenten tot de LHBTI+-gemeenschap behoort. Door die oververtegenwoordiging is het mogelijk dat seksueel grensoverschrijdende ervaringen iets vaker gerapporteerd zijn, want uit andere onderzoeken blijkt dat vrouwen en LHBTI+-personen vaker grensoverschrijdende ervaringen rapporteren. Tegelijkertijd zien we geen grote verschillen met de uitkomsten op vergelijkbare vragen in eerder onderzoek onder studenten, zoals dat van de Universiteit Maastricht en Amnesty International.

Waarom we voorzichtig zijn met termen als verkrachting, dader en slachtoffer

In het Amnesty-onderzoek bleek dat meer dan de helft van de studenten die verkrachting hebben meegemaakt dat zelf niet beschouwen als verkrachting. Daar hebben ze allerlei redenen voor en dat heeft deels te maken met publieke perceptie en vaak ook met de context. Niet bij iedereen doet de term verkrachting dus recht aan de ervaring. Dat betekent niet dat we penetratie zonder instemming niet zien als verkrachting, wel dat we voorzichtig zijn met het label.

Iets vergelijkbaars geldt voor termen als dader en slachtoffer. Iemand die een seksueel grensoverschrijdende ervaring heeft wordt vaak neergezet als slachtoffer, terwijl ze zichzelf niet altijd zo zien. Grensoverschrijdend gedrag heeft ook niet altijd vervelende gevolgen. Of soms zijn situaties met seksueel grensoverschrijdend gedrag onduidelijk. Dan heeft iemand bijvoorbeeld het idee duidelijk te hebben aangegeven iets niet te willen, maar heeft de ander die signalen niet opgepikt. Is er in al die situaties sprake van een dader en een slachtoffer? Ook hier betekent het niet dat de ervaring of het gedrag niet grensoverschrijdend is, wel dat woorden als dader en slachtoffer geen of niet volledig recht doen aan alle situaties. We hebben daarom zoveel mogelijk geprobeerd zulke woorden te vermijden, tenzij studenten ze zelf gebruiken.

Met dank aan

Vanaf het begin zijn verschillende experts betrokken geweest bij dit onderzoek. Zonder hen hadden we dit niet kunnen doen. Daphne van de Bongardt en Samira van Bohemen van het Erasmus Love Lab, Gwen de Bruijn en Helen Tibboel van het Diversity & Inclusion Office en vertrouwenspersoon Martin Blok hebben meegedacht over de inhoud, de methodologie, de formulering van de vragen of de interpretatie van de bevindingen. EM-redacteur Elmer Smaling heeft geholpen bij het analyseren van de resultaten.

Heb je vragen over het onderzoek of de keuzes die we hebben gemaakt? Mail EM-redacteuren Feba Sukmana (sukmana@em.eur.nl) of Tim Ficheroux (ficheroux@em.eur.nl).