Direct naar inhoud

Steeds meer vrouwelijke hoogleraren, maar opmars lijkt te stokken

Gepubliceerd op:

Inmiddels is één op de drie hoogleraren een vrouw, behalve bij de technische universiteiten van Delft, Eindhoven en Twente. Maar de toename van vrouwen lijkt te stagneren onder universitair (hoofd)docenten.

Hoogleraren bij de rectoraatsoverdracht in 2021.

Afbeelding door: Ronald van den Heerik

In het jaar 2000 waren er nog maar 136 vrouwelijke hoogleraren in Nederland, verdeeld over veertien universiteiten: nog geen tien per instelling. Inmiddels zijn het er meer dan duizend. Het aantal mannelijke hoogleraren steeg de afgelopen 25 jaar minder hard: van zo’n 1.950 tot ruim 2.200.

De universiteiten tellen dus, ook naar verhouding, steeds meer vrouwelijke professoren. In Wageningen en Rotterdam, die een beetje achterbleven, is voor het eerst meer dan 30 procent van de hoogleraren een vrouw, blijkt uit nieuwe cijfers van universiteitenvereniging UNL. In Maastricht komt de 40 procent in zicht. De Open Universiteit, gespecialiseerd in afstandsonderwijs, zit daar al jaren boven.

De TU Delft heeft als enige minder dan 20 procent vrouwelijke hoogleraren. Ook bij de technische universiteiten van Twente en Eindhoven is het aandeel vrouwelijke hoogleraren relatief laag: 24 en 27 procent.

UD en UHD

Opklimmen tot hoogleraar doe je niet zomaar. Je wordt eerst universitair docent en dan universitair hoofddocent. Er moeten dus genoeg vrouwen tot die rangen doordringen om later een leerstoel te kunnen bekleden.

Onder professoren is het aandeel vrouwen in 2025 met 1,5 procentpunt gestegen, maar bij de universitair (hoofd)docenten gaat het minder hard: een toename van 0,4 procentpunt. Het is in geen jaren zo weinig geweest.

Bezuinigingen

Deze stagnatie heeft vermoedelijk te maken met de bezuinigingen en de krimp van het aantal studenten. In eerdere jaren groeiden de universiteiten jaar na jaar, en dat bood carrièrekansen voor nieuw talent, onder wie dus vrouwen. Maar het aantal hoogleraren en UHD’s is nu vrijwel hetzelfde als een jaar geleden en het aantal universitair docenten is zelfs met 336 afgenomen: van ruim 7.200 naar minder dan 6.900. Dan is er dus weinig ruimte voor nieuwe benoemingen.

Daar komt bij, zegt universiteitenvereniging UNL, dat inmiddels 48 procent van de universitair docenten vrouw is en bij de UHD’s zijn het er ook steeds meer. Dat zou een verklaring voor de afvlakkende groei kunnen zijn.

UNL heeft nog een mogelijke verklaring. Hoogleraren die met emeritaat gaan (zo heet hun pensioen), zijn meestal man. Vrouwen die hen vervangen, komen uit de groep universitair hoofddocenten. Er komen wel vrouwelijke UHD’ers bij, maar een deel gaat er weer af om hoogleraar te worden.

Lees verder

Reacties

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen ga je akkoord met onze regels voor het plaatsen van een reactie. Lees ze alsjeblieft voordat je een reactie plaatst.

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met (verplicht)

Meer Diversiteit