‘We moeten het kinderlijk denken blijven koesteren’

In De dag dat de zee weg was bundelde filosoof Awee Prins vijf verhalen die hij vroeger aan zijn kinderen voorlas. Het is geen filosofisch kinderboek, benadrukt hij, maar een oefening in los denken, vol verrassende en grappige perspectiefwisselingen.

Awee Prins leest voor uit de drukproef van zijn kinderboek De dag dat de zee weg was Beeld: Hanna van de Wetering

Filosoof Awee Prins (1957) heeft een kinderboek geschreven. Maar hij wil eigenlijk niet dat dit verhaal met deze zin begint. “Dan kun je er net zo goed achter zetten: het moet niet gekker worden.”

Prins maakt er een grapje van, maar hij meent het. De dag dat de zee weg was is belangrijk voor hem. Het is een eerbetoon aan zijn vrouw, die twee jaar geleden overleed. De verschijning van zijn kinderboek is een lichtpunt in de rouw: “Het boek is uit liefde geschreven en uit liefde gepubliceerd. Een heel gelukkig, feestelijk moment.”

Awee Prins Beeld: Hanna van de Wetering

In De dag dat de zee weg was bundelde Prins vijf verhalen die hij vroeger aan zijn kinderen Dylan en Duider vertelde. De eerste versie van de Engelse vertaling ligt al klaar, en er komen ook een Duitse en Franse editie. De illustraties zijn van de beroemde kinderboekenillustrator Thé Tjong-Khing. In eerste instantie tekende Prins zelf. Hij zat ooit op de kunstacademie. “Maar wie is Awee Prins in kinderboekenland? En bovendien: Thé Tjong-Khing is echt een kunstenaar. Hij is al in de tachtig, dus ik voelde me vereerd dat hij het onmiddellijk wilde doen.” Het resultaat is een grappig, absurdistisch boek vol zelfspot en verrassende perspectiefwisselingen. Of zoals de illustrator het omschreef: verhalen voor kinderen van 6 tot 96 jaar.

Aan zijn enorme werktafel – vol boeken, grote schaal met rode druiven en een bakje olijven tussen ons in – spreekt Prins vol overgave over het boek. Zijn vader vertelde hem vroeger ook kinderverhalen, tijdens het wassen. “Hij zat soms zo in zijn verhaal dat hij maar bleef schrobben met een washandje, dat in die tijd om redenen mij duister zo ruw van stof was. Ik ging met vuurrode billen naar bed”, lacht Prins. Waar die verhalen over gingen kan hij zich niet meer herinneren. “Misschien heb ik mijn verhalen ook daarom opgeschreven. Niet eens met de intentie om ze uit te geven, maar om ze ooit nog eens aan mijn kinderen te laten zien.”

Geen moraalridder

Prins benadrukt dat hij geen filosofisch kinderboek heeft geschreven. Het is geen filosofieboek voor kinderen en geen kinderboek met een zware, filosofische moraal. Hoewel, af en toe heeft het wel iets moraliserends. Een van de hoofdpersonen, ‘Knorremans, het varkentje dat gewassen moest worden’, is verslaafd aan modder. “Als kinderen mijn verhalen hebben gelezen en later aan de drugs raken en op een goed moment denken: jeetje, ik ben Knorremans aan het worden!, dan ben ik blij, hoor. Maar ik ben geen moraalridder; ik wil alleen maar het leven in al haar dimensies tonen.”

In de verhalen zit wel een duidelijke knipoog naar de filosofie, en zelfspot voor de vader en filosoof die Prins is. Zo is er de inktvis, in het titelverhaal De dag dat de zee weg was, die in zijn boekenkast duikt om op te zoeken of de zee wel weg kan zijn, terwijl hij het gewoon had kunnen constateren door naar buiten te kijken. “Dat is de filosoof of wetenschapper, in de slechtste zin van het woord: een academicus die alleen artikelen leest en becommentarieert zonder de echte wereld te zien.” In een ander verhaal geeft een ‘wijsbeer’ een college, alsof hij wel even zal vertellen wat de oplossing is, terwijl hij met een idiote en ongelooflijk onlogische oplossing komt. Prins moet er zelf nog steeds om lachen: “Ik wilde die wereldvreemdheid aan mijn kinderen laten zien, want als filosoof wil je natuurlijk niet onverkort dat je kinderen ook filosoof worden.” Trots vervolgt hij: “Toch zijn ze het allebei gaan studeren.”

Perspectivisme

‘Onze jeugd is veel meer dan een voorbereiding op het volwassen leven’

Het is de lichtvoetigheid in de verhalen die tegelijkertijd een les bevat. Niet alleen voor kinderen, maar ook voor volwassenen. Wat die les is? “Dat de jeugd een viering van het perspectivisme is, die we in het beste geval blijven koesteren. Voor kinderen ‘gelden alle stemmen’ en kan iets tegelijk waar en niet waar zijn.” Dat kinderlijke denken proberen we volgens Prins weg te drukken en zo snel mogelijk af te leren. “Ik las laatst in een wetenschappelijke studie dat de kindertijd eigenlijk de afdeling ‘Research and Development’ is. Dan word ik eng hoor. Onze jeugd is veel meer dan een voorbereiding op het volwassen leven.”

Het voorbeeld dat Prins zijn eerstejaars studenten geeft, is de vraag: wat is een landschap? “Voor een boer is het waar hij zijn vee houdt en zijn gewassen hoedt. Voor een verliefd stel is het landschap een plek waar ze samen een gelukkig en beschut plekje kunnen vinden. Voor een wandelaar is een landschap een mooie plek om verwonderd doorheen te wandelen. En voor een landmeter is het iets wat je op kunt meten.” Al die perspectieven zijn tegelijkertijd waar, afhankelijk van je veronderstellingen. “Het aardige aan kinderlijk denken is dat ze al die perspectieven zien; dat ‘al die stemmen gelden’.”

Gemengd denken

Volgens Prins moeten we oppassen dat we dit perspectivisme uit het oog verliezen en allemaal ‘landmeters’ worden. “Op de universiteit zijn we veel te veel bezig om alleen de neocortex te trainen. Iedereen leert ‘meten’ en moet een kritische wereldburger worden. Terwijl kritiek, net als ironie, scepticisme en cynisme, vooral een manier is om afstand te nemen. Het woord ‘kritiek’ komt van het Griekse woord ‘krinein’, dat ‘onderscheiden’ betekent.” Prins pleit juist voor toewijding in plaats van kritiek en voor ‘gemengd denken’, het besef dat dingen diffuus zijn, dat alles een kwestie van accent en perspectief is. “Kinderen leven nog in dat gemengde denken. Dat is een kwaliteit die wij ten onrechte, met man en macht, te boven willen komen.”

Awee Prins Beeld: Hanna van de Wetering

Denk niet dat Prins wil dat we onze kindertijd eindeloos voortzetten of moeten verheerlijken. Het gaat hem erom dat je je realiseert dat we de wereld telkens weer proberen te reduceren tot problemen en oplossingen, terwijl dat niet het hele verhaal is. “Er is een mooi citaat van Peter Sloterdijk: ‘Volwassenheid is iets wat na de wanhoop komt.’ Ik denk dat kinderen op een gegeven moment merken dat ze dat gemengde denken niet vol kunnen en mogen houden. In de adolescentie en de quarterlife crisis worstelen ze daarmee. Volwassenheid is een plat antwoord op die wanhoop, door ineens heel afstandelijk, zakelijk en kritisch te worden. Maar het leven is niet zo makkelijk als de volwassenheid je wil doen geloven, het is veel ingewikkelder en vager.”

Een goed einde

‘Alle ouders hebben gemengde gevoelens over hun kinderen; en niet minder belangrijk: alle kinderen hebben gemengde gevoelens over hun ouders’

Vrijwel alles wat mis kan gaan, gaat ook mis in de verhalen van Prins. “Mijn jongste zoon Duider zei na het lezen van het boek: ‘Pappa, ik kan me niet herinneren dat het zo heavy was.’ Het is ook niet niks voor kinderen: een garnaal die droomt dat hij op de barbecue ligt, wakker wordt en ontdekt dat de zee verdwenen is.”

Nog heftiger: in een van de verhalen zijn de ouders van Slimme Hans vertrokken, omdat ze zelf gelukkig willen worden en niet het geluk van hun kinderen voorop wilden stellen. “Dat is ongelooflijk hard, inderdaad, maar wel waar. Iedereen wauwelt elkaar maar na dat elke ouder van zijn kinderen houdt en het beste met ze voor heeft en dat een kind krijgen het mooiste moment in je leven is. Maar dat is echt het halve verhaal. Alle ouders hebben gemengde gevoelens over hun kinderen; en niet minder belangrijk: alle kinderen hebben gemengde gevoelens over hun ouders. Zoals ik in ‘Slimme Hans’ schrijf: “In het echte leven loopt bijna nooit iets goed af; alleen heuvels lopen daar goed af.”

Waarom hebben alle verhalen dan toch een goed einde? “Ik werd eerlijk gezegd een tijdje terug badend in het zweet wakker met diezelfde constatering. Maar kinderboeken met een arthouse-motief waarin het ergste altijd nog moet komen, en waarin de geliefde hoofdpersoon te gronde gaat, dat moet je een kind niet willen aandoen.” Lachend: “Ze moeten na zo’n verhaal wel de slaap kunnen vatten! Het is al heel mooi wanneer kinderen er schik in krijgen dat de dingen heel anders kunnen lopen dan je denkt en verwacht. Dat iets helemaal de verkeerde kant op kan gaan en soms ook, en zelfs tegelijkertijd, goed kan gaan. Misschien is dit mijn enige tegemoetkoming aan het naïeve denken, aan het utopische denken van de kritiek en de wetenschap. Het denken dat alles altijd beter wordt en goed afloopt. Zelfs ik heb een beetje last van de hollywooditis.”

De dag dat de zee weg was verscheen half september bij De Bezige Bij. Op zaterdag 7 oktober is de boekpresentatie in Donner. Prins is dinsdag 10 oktober te gast in Studio Erasmus om over De dag dat de zee weg was te vertellen.

Prijs: € 17,99

EAN: 9789023463313

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
  • Hiermee kun je je aanmelden voor de EM nieuwsbrief. Je krijgt elke donderdag een mail met het belangrijkste nieuws van de week. Er is een Nederlandstalige en een Engelstalige editie.

    Vragen over de nieuwsbrief? Lees eerst onze veelgestelde vragen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Toegestane HTML code

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>