Touwtrekken om de basisbeurs

Als studenten hun basisbeurs kwijtraken, waar gaat hun geld dan naartoe? Het hoger onderwijs moet hiervan profiteren, vinden critici.

In het Nationaal Onderwijsakkoord, dat vandaag is getekend, staat dat vakbonden, werkgevers en kabinet de opbrengsten van het leenstelsel “in het bijzonder willen aanwenden voor het hoger onderwijs inclusief het direct met het onderwijs verbonden onderzoek in hbo en wo, zodat ze ten goede komen aan de kwaliteit van het onderwijs aan de studenten”.

Kabinet dacht er anders over

Daarom moet het kabinet de koers wijzigen, want in het regeerakkoord van VVD en PvdA stond dat de opbrengst van het afschaffen van de basisbeurs vooral zou gaan naar basisscholen, voortgezet onderwijs en mbo. Verder zou er nog honderd miljoen euro naar fundamenteel onderzoek gaan, dat volgens premier Rutte “heel dicht aanzit tegen het hoger onderwijs”. Maar uitgerekend voor dat hoger onderwijs bleef bijna niets over van die 800 miljoen die het afschaffen van de basisbeurs oplevert.

Komt het leenstelsel er echt?

In het Onderwijsakkoord maken de ondertekenaars afspraken over de verdeling van 689 miljoen euro. Een deel daarvan (119 miljoen euro) is afhankelijk van het sociaal leenstelsel, staat erbij. Mocht het plan in de Eerste Kamer stranden, dan is er dus minder geld. Dat is zeker niet ondenkbaar, want de regering heeft geen meerderheid in de senaat. Welk deel van de extra uitgaven dan zal sneuvelen, is niet duidelijk.

Bonden zijn teleurgesteld

De studentenbonden LSVb en ISO zijn teleurgesteld in het akkoord, mede doordat zij niet zijn betrokken bij de inhoud ervan. Ze zijn verbaasd dat het akkoord geld verdeelt dat vrijkomt door de invoering van een sociaal leenstelsel, terwijl dit plan nog niet officieel is.   

Waar gaat geld naartoe?

Van de achthonderd miljoen euro die het leenstelsel oplevert, is dus al 119 miljoen vergeven. Dus blijft er nog 681 miljoen over die “in het bijzonder” voor het hoger onderwijs bestemd is. Maar harde afspraken zijn daarover niet gemaakt. Daar komt bij dat het leenstelsel pas ver na deze kabinetsperiode geld oplevert. Pas als studenten hun lening gaan terugbetalen, gaat de Staat er iets van merken. Het duurt jaren voordat een student zijn hele schuld heeft afgelost.

Minister van Onderwijs Jet Bussemaker hoopt uiterlijk 8 oktober het Onderwijsakkoord om te kunnen zetten in een definitief akkoord. HOP/LJ

Deel dit artikel

Nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
  • Hiermee kun je je aanmelden voor de EM nieuwsbrief. Je krijgt elke donderdag een mail met het belangrijkste nieuws van de week. Er is een Nederlandstalige en een Engelstalige editie.

    Vragen over de nieuwsbrief? Lees eerst onze veelgestelde vragen.